Passo Manghen – een mooi weerzien

Waar slecht weer in Oostenrijk al niet goed voor kan zijn. Bijvoorbeeld voor het groen houden van de Alpenweides, maar ook om Ron (H) tijdens zijn gezinsvakantie over de Alpen te jagen. Zo ver over de Alpen dat hij redelijk in mijn buurt uit kwam en we zelfs een afspraak konden maken om samen te gaan rijden. Mooie toevoeging aan mijn vakantie.

Plannen werden gesmeed en van een eerdere keer dat ik op bezoek bij mijn ouders was aan het Lago di Levico wist ik dat je daarvandaan de Passo Manghen kunt beklimmen. Een beklimming die tot de mythische beklimmingen van Trentino behoren, die door Rinaldo als lastig wordt ingeschaald en waarover René eerder ook eens zei dat hij pittig is.

Ik herinnerde me vooral het einde dat ik niet doorfietsend haalde en de meneer die foto’s van me nam op de top, maar alleen maar foto’s van zichzelf bleek te hebben gemaakt. Moet in de tijd van de iPhone 4 zijn geweest denk ik. Bleek dat de Manghen niet op Strava staat bij me ter vergelijking.

Plannen gemaakt en tijd afgesproken.

Inladen maar!

Natuurlijk was ik meer dan op tijd wakker, maar al kijkend naar de junioren en hun WK tijdrijden, met spektakelstukken als een bocht verkeerd nemen en te laat op het startpodium staan en verkeerde versnellingen monteren, raakte ik een uur kwijt en moest ik me uiteindelijk haasten om nog een beetje rond het afgesproken tijdstip bij Ron te zijn.

Eens iets anders dan op de fiets voorbij komen

Google stuurde me over een bijzondere route. Voor mij memorie lane van afgelopen voorjaar toen ik de zelfde route fietste om bij de start van de Giro te kijken in Borgo Valsugana. 17% bergje inclusief. Stuk eenvoudiger in de 4×4.

Ron bleek op de camping achter die waar mijn ouders eerder stonden (2 Lagi) te staan. Ontvangst committee stond al klaar en ik probeerde om me maar zo snel mogelijk om te kleden en verder klaar te maken. Niet mijn manier, maar zo relaxed als Ron is, is het natuurlijk geen probleem.

We zetten koers naar Borgo Valsugana. Warm draaien op het fietspad. Warmdraaien is wel nodig. In de schaduw is het 5 graden en we hebben ons gekleed op de inspanning op de beklimming. Ondershirt, korte mouwen en korte broek. Fris dus.

Borgo Valsugana tijdens de Giro

Waar de renners tijdens de Giro het bruggetje over gingen, deden wij dat ook in tegenovergestelde richting. Op weg naar de voet van de beklimming.

Daar gingen we!

Vooral daar ging Ron. Stamp, stamp, stamp en ik zag hem aan de horizon verdwijnen.

Daar gaat ie

Eigen tempo. Het eerste dat door me heen gaat. Het is nog ongeveer 22 kilometer. Mijn ketting ligt al op het binnenblad. Ik kies mijn ritme en begin te trappen. Mooi tempo. Ron wordt weer groter. het is niet blijven lossen bij de eerste bocht.

Gelukkig, de pas is open

Ook bij deze beklimming staat iedere kilometer een bordje over wat er nog te wachten staat. Aan het begin van de klim is de informatie vriendelijk. Naar het einde toe wordt dat minder. Kilometers lang boven de 9% gemiddeld zou ik later leren. Maar dat zou nog wel even duren.

Mijn ros

Onze tempo’s naar boven lopen niet helemaal synchroon. Ik besluit Ron terug te laten komen. Ik wil voorkomen dat we geen contact met elkaar hebben tijdens de beklimming.

Is ie weer

Volgende deel van de klim. Ik merk dat ik de afgelopen weken veel heb gereden en ook de nodige klimmetjes heb opgereden. Ik voel me goed. Ik voel mijn benen niet. Bedenk me alleen hoe mooi het moet zijn als je een 65 kilo wegende klimmer bent en dan toch een flink wattage kunt trappen. Ben ik niet. Ik ben anderhalf keer zo’n klimmer zonder de wattages, maar trap hier toch ook maar mooi naar boven.

Eigen tempo. Blijven trappen.

We zijn ongeveer halverwege. Ik denk dat het goed is om het volgende deel weer samen aan te pakken en zet mijn fiets even langs de kant.

Daar kom ik vandaan
Daar moet ik naar toe

De omgeving is hier machtig mooi tussen de hoge toppen. De weg slingert een beetje, maar haarspeldbochten liggen hier nog niet. Die komen pas meer naar de top.

Ik eet wat, leeg mijn blaas en drink nog wat om hem weer te vullen. Ik houd me zo veel mogelijk aan het schema dat de Wahoo tegen me roept. Verstandig, want vandaag zullen er wel heel wat calorieën worden verbrand en zweetdruppels vallen.

Ron sluit weer aan

Ron is er weer. Even praten. Eten. Drinken.

Doen alsof het niets is

En dan weer door.

De kleur rood verdwijnt steeds minder uit mijn schermpje. De kleur die aangeeft dat het stevig klimmen is. Ik zie dat er ook donkerrood op het Wahoo Element schermpje bestaat. Dat is dus heel stevig klimmen.

Mijn ketting ligt al een tijdje op de 30. Ik trap 36×30 nu. Ik vind het prima. Boven komen.

De haarspeldbochten komen. In de bochten gaan de percentages tot 17% zie ik, maar vlak erna voelt het iets vlakker. Fijn. Maar daarna klimt het weer even stijl door.

De kilometers lopen terug. Nog 3. Nog 2. Nog 1. De top ligt achter een bocht, maar het is een echte top, waarna het meteen berg af gaat. Geen vlakte. Machtig gezicht.

De top bereikt
Een mythische klimmer bij

Ik maak een babbeltje met een Duitser die ook naar boven is gereden. De 65 kilo wegende klimmer. Het klapperende skelet. Boven is het namelijk koud en ik ben blij dat ik mijn windjack bij me heb.

Het bewijs, Ron is er ook

De verplichte Pas foto maakt Ron van me. Stukje betere kwaliteit daardoor.

Ik was er ook echt

We dalen een stukje af voor een cola en de eerste verhalen. Het laatste deel is echt heel zwaar. Fietsen lijkt lopen op mijn niveau.

Een cola kan zo lekker zijn

We sturen onze fietsen weer bergaf. Ook hier eigen tempo. Niet te gek. We spreken halverwege even te wachten op elkaar, om elkaar niet uit het oog te verliezen. De afdaling is te lang om pas beneden te wachten.

Als je naar beneden rijdt en denkt dat het best stijl is om naar beneden te rijden, dan weet je wat je net bent opgefietst. Proberen om een te zijn met je fiets. Laten lopen en remmen. Lopende bochten soepel nemen. Schermpje in de gaten houden om te zien wat er te verwachten is. Ook daar is het navigatiescherm handig voor.

Het is bar koud naar beneden.

Ik sta te rillen bij het hotel en ben blij als we weer verder kunnen. Nog blijer dat er nu delen komen waarop we kunnen bij trappen. Het lichaam weer in beweging krijgen.

Op naar Borgo

We rijden na een lekker laatste deel van de afdaling dwars door Borgo en haar kleine straatjes en zo weer naar het fietspad.

Toch nog wel een stukje. Toch nog wel een paar vuile stukjes bergop. Toch wel tegenwind. Toch nog wel vermoeiend.

Maar zo blij en tevreden als we de camping hebben bereikt.

We belanden nog even op het terras om de dag door te nemen. De gemene deler was: het was een prachtige dag.

Ik heb enorm veel respect voor Ron dat en hoe hij de beklimming heeft gereden. Hij zat de afgelopen weken niet zo veel op de fiets en trapt deze beklimming gewoon op en het is niet de meest eenvoudige begreep ik.

Ik ben zelf heel blij dat ik het gedaan heb en hoe het gelopen is. Kwam ook boven en voelde me goed. Met het risico van een reprimande van E, natuurlijk alles binnen eigen kunnen. Er reden mensen op de zelfde dag vele malen sneller naar boven. Richard Carapaz (de KOM houder) rijdt de beklimming in 57minuten en 32 seconden op. Ik in 2 uur 27 minuten en 30 seconden. Maar er zijn 1000 mensen die er langer over gedaan hebben en 11.500 sneller. Maar als het dan vlakker wordt op het fietspad, dan ligt de prestatie heel anders. Dan komen de vlakke polder mannen boven drijven.

Sneeuw op de berg

Op weg naar huis krijg ik heel veel zin in pizza. Maar er is zo’n wachttijd dat het een broodje kipfilet wordt. Ook lekker.

Maar wat blij met het slechte weer in Oostenrijk.

Plaats een reactie