Nog één keertje dan

Niets aan te doen. Stoer, maar met een traantje dat prikt, zeg ik tegen de schoonmaakster dat je zonder weer te gaan werken je geen vakantie kunt vieren. De mooie weken lopen op een eind en we moeten weer richting huis gaan. Maar dat weerhoudt E er niet van om nog een warme wandeling over het Tramin pad te maken en mij om nog een stukje te gaan fietsen.

Ik kies er voor om nog een keer richting Meran te rijden. Een mooi stuk, zonder te veel gekkigheid onderweg. Behalve aantrekkende wind die door wind apps niet gesignaleerd wordt.

Vandaag rijd ik weer eens in Rapha. Verandering van spijs noemen we het. Een aero kit, terwijl ik tegen E zeg vandaag het rustig aan te doen. Het is wel goed zo. Geen training op het programma.

Ontbijt van kampioenen

Maar op het fietspad aangekomen krijg ik er meer zin in. Zo trap ik richting Bolzano. De stad die zich als fiets stad kenbaar maakt.

Niet veel verder wordt de koers geneutraliseerd. Maaiwerkzaamheden.

Let op het ride spiegelei. Inhalen verboden

Stapvoets ga ik verder. Een mooie kans voor een eerder geloste, en hij deed nog wel zo zijn best even op kop en anderen om aan te sluiten.

Bij het groen draaien van het bord is het spel weer op de wagen. Trappen maar. Ik heb een groepje in het wiel dat maar wat blij in het wiel zit.

Afslag naar Merano. Er is er nog één die mee gaat. Ik focus op renners aan de horizon. Haal ze bij en riep ze aan te sluiten. Gevolg is een groeiende groep en het geluk dat er één van hen wil meerijden. Zo krijg ik ook de kans af en toe op adem te komen. We rijden verhouding 3 – 1…. Ik zit op mijn terrein wat langer op kop.

We rijden mooi door. Af en toe groepen op elektrische fietsen omzeilend. Meran komt dichterbij. Bij een tegenklimmetje wil ik het laten lopen. Wordt ingehaald. Wordt bedankt. Maar net zo snel laten ze het stilvallen en fiets ik weer op kop. Dan ook maar de tank legen, denk ik.

In Meran keer ik om en begin rustiger terug te fietsen. Kom één van de gelost en hoofdschuddend tegen. We lachen.

Tandje lichter. Tempootje rustiger. Nog een kilometer of 40. Ik ben uit de flow. Ik merk dat ik mijn best heb gedaan.

In de verte het kasteel van de beroemde Süd Tiroler bergbeklimmer

Het is warm. Ik blijk koe te zijn en kom steeds lastiger vooruit. Nog een kilometer of 30 te gaan.

Bij het water punt fris ik mijn bidon nog even op. Het worden nog lastige laatste goede 20 kilometer.

Het wordt worstelen. Ik fiets van punt naar punt. Houd af en toe even de benen stil. Nog even.

Bij dat even ook nog het klimmetje naar het hotel. Daar valt de wind weg en is de warmte pas echt te voelen.

Altijd blij weer thuis te zijn, maar soms nog een beetje blijer.

Helemaal als ik daarna met E een broodje ga eten bij het bakkertje in het dorp. Vocht aanvullen en verhalen vertellen.

Opvallendste gebeurtenis van de dag? Mij aero sokken die ik voor de gelegenheid heb aangetrokken bleven perfect op hoogte zitten.

Plaats een reactie