Als ik denk aan een echte training dan is dat er een met intervallen. Waarin je moet versnellen en je op een bepaald moment denkt: ik kan niet meer, maar ik moet nog even door en dat je dat dan nog een paar keer moet herhalen. Dat stond bij mij op het programma. Zou ik uit mezelf niet zo snel doen als ik alleen op pad ga. Dan is het meestal “grijs trainen”, een tempo dat snel genoeg is, maar waarvan je niet helemaal kappot gaat. Net te snel voor een duur tempo en net te langzaam voor een zone er boven. Volgens de trainers is dat geen trainen. Zwart – wit daar gaat het om bij trainen. Hard als het hard moet en rustig als het rustig moet.
Vooral in dat laatste zit mijn valkuil als ik dan echt aan de gang ga. Rustig is dan niet rustig genoeg. Als ik in mijn rustige zone zit of zelfs in de duur zone dan is het tempo dat van een ondermaatse toerist. Je kunt het dan wel leuk “vogeltjes kijken” noemen, maar je wilt je eigenlijk wielrenner voelen en net doen alsof je snel gaat.

Terwijl ik weet dat als je, je wel aan de zones houdt, je minder vermoeid bent, je oefeningen beter uitvoert en dan ook de volgende dag weer aan de bak kunt en niet een extra rustdag voorgeschoteld krijgt.
Vandaag moest ik dus aan de bak. Eerst op duurtempo 40 minuten inrijden, 3 sprints van 6 seconden met 2 minuten rust, toen 2 x 2 minuten heel hard (ruim boven ftp) met 2 minuten rust, toen 2 x 4 minuten hard (rond ftp) met 2 minuten rust en dit alles afgerond met nog 8 minuten vlot 85% ftp gevolgd door 2 minuten rust en daarna weer 40 minuten duurtempo (rond de 65% van ftp).
Ik denken dat ik mijn training keuring aan het afwerken was. De intervallen deed ik goed. Alleen die duur en tussen pauzes waren veel te veel op inspanning doorgereden en dan plakte ik er nog 30 minuten extra aan vast ook. Al met al een veel te zware inspanning en Join was dan ook niet blij. Een dikke onvoldoende om te bereiken met de training dat er bereikt moest worden. Het op kop versnellen als je door hebt dat er een stel goed uitziende wielrenners in je wiel is gaan zitten werkt dan ook niet mee als er eigenlijk rustiger tijden op het schema staat.

Wat moet ik hier nou mee. Er zullen lezers zijn die nu denken “boeien, fietsen is rammen en dan maar zien waar je uitkomt”, er zullen er zijn die denken “als de trainer het zegt, dan moet je luisteren” en er zullen er zijn die ergens er tussenin zitten. Ik zit in het kamp dat eigenlijk wil trainen zoals het hoort en de opdrachten uit wil voeren, maar het moeilijk vindt om ingehaald door mensen op krakkemikkige fietsen met boodschappen tassen aan het stuur en een mandje voorop. Maar dat is misschien wel het lot van de trainende fietser waarvan het ftp niet hoog genoeg is om ook in rust nog snel te gaan. Een koffie ritje tegen 32 km/u met 4.000 hoogtemeters is niet aan mij besteed. We zijn dan ook niet allemaal Pogacar.
Maar misschien is dat wel de les. Het ftp moet omhoog. Zeker in Watt/kg. Iets om over te denken. Daarvoor moet het roer namelijk wel een stukje om en misschien moet dat -je wel weggelaten worden. Een beetje leuk moet het daarbij ook blijven. Ook al is snel kunnen fietsen natuurlijk ook wel leuk.
Een klein inkijkje in mijn hoofd hoe de bal heen en weer geslagen wordt.

Daarom deden we ons ‘s middags maar eens tegoed aan een ijsje en een glas limonade in Bolzano. Spaghetti ijs natuurlijk!
Strava 71
Join 17,1