Het is november. De maand dat er speciaal aandacht is voor mannen en hun ziektes. Ziektes die specifiek bij mannen voor komen, maar ook waar mannen zelf minder aandacht aan geven. Hun mentale gezondheid. Praten ze niet zo erg over in zijn algemeenheid. Een gevolg: Wereldwijd sterft er elke minuut een man door zelfdoding.
Ik kies er voor om in november meer tijd in te ruimen voor mijn mentale welzijn. Beste manier voor mij daarbij is tijd te maken voor de fiets. Een uur trappen, zorgt dat mijn gedachten op een rij komen en bij iedere beweging van mijn benen gaan fysieke en mentale gezondheid hand in hand vooruit.
Vrijdag reed ik mijn eerste ronde. Lekker buiten. Fris en bewolkt. Niet te ver. Nog met net zoveel energie thuiskomen als dat ik vertrok.
Vandaag iets langer. Ik dacht dat het ergste wel voorbij zou zijn in de polder met de oogst van uien, aardappelen, spruiten en kolen, maar ik had het helemaal mis. Zo erg mis dat ik bij de eerste bocht bijna onderuit gleed en daarna glibberend en glijdend verder ging. De natte modderlaag leek wel ijs. Dan kan er een bordje staan, maar dat helpt natuurlijk niet.
Gelukkig werd het later beter en koos ik wat verstandiger mijn route. Niet te veel de routes die ik ken als typische oogst routes.

Tevreden thuis.
Maar ook zeker van de verplichting om nog flink mijn fiets te poetsen. Wat een klus. De klei was genoeg om mee te gaan pottenbakken. Maar na de poetsbeurt is de dame weer wit en staat ze blinkend klaar voor de volgende rit.

Movember. Tonen met de “mannelijke” snor. De eerste twee dagen heb ik mijn snor laten staan. Niets voor mij. Ben nogal van het scheermes. Maar wie weet houd ik het nog een dag vol.