Sinds kort heb ik er een Strava hobby bij. Kijken of vriend R weer een ronde gereden heeft. Dat bij hem het fietsvuur weer heeft gezorgd voor fietsen doet me deugd. Veel deugd. Niet alleen maar praten over, maar vooral ook doen is waar het om gaat.
Zo reed hij van de week ook een rit. Een warme. Hij biechtte bij me op dat hij zowel zijn eten als zijn drinken was vergeten mee te nemen. Ik begin met meewarig mijn hoofd schudden. Was in het verleden fietsen vooral hard trappen, weten we sinds de successen van Team Sky en Jumbo Visma, dat eten en drinken van doorslaggevend belang zijn om te kunnen fietsen. Het meewarige hoofdschudden ging over in het schrijven van apps en bespreken met E. Hoe kan dat nou gebeuren.
Hier in Italië is het bijna niet te harden zo warm als het wordt. Niet echt verstandig om daarin dan te gaan sporten. Maar niet fietsen is voor mij dan weer het andere uiterste. Gelukkig bestaat er een wekker en een hele aardige vrouw en zo stond ik om 4:30 naast mijn bed om, om ongeveer 5 uur weg te fietsen.

De zon kwam al langzaam op. Mijn achterlampje knipperde en mijn meekleurende glazen bleven in het begin vooral helder.


Het was enorm vochtig. Van dat weer waarbij één beweging zorgt voor een stroompje zweet uit je poriën. Maar gelukkig staat mijn Wahoo ingesteld om me iedere 20 minuten te helpen herinneren om iets te drinken. Dus na 20 minuten doe ik een greep naar beneden.
Ik grijp mis.
De bidons die ik zo keurig had klaargezet stonden nog te wachten op het aanrecht.
Wat nu? Omkeren en ophalen en bijna zeker weten dat ik geen zin meer had of doorrijden en eventueel bij een bron wat water drinken?
Het werd het laatste. Het was namelijk echt zo vochtig dat er geen plaats was voor een dorstgevoel.

Zo weinig zelfs dat ik rond het keerpunt, belofte was ongeveer 2,5 uur fietsen, nog zelfs geen zin had in een slok en ook nog de bron voorbij fietste.
Langzaam maar zeker kwam de zon meer door en begon de temperatuur zelfs nu al weer ruim boven de 20 graden te klimmen, maar gelukkig geen 38 zoals later op de dag.
Wat maakte het uit. Het was nog maar even. Langs het bergje en dan de laatste klim op.

Maar wat ik daar toen zag maakte me wel heel erg blij. Mijn rennersvrouw was gaan rennen en had de bidons meegenomen. Daar stond ze als volleerd soigneur een bidon aan te geven.

Veel blijer kon ik op dat moment niet gemaakt worden. De eerste 0,5 liter was in een paar slokken weg en van de tweede claimde ik ook het grootste deel. Toch dorstiger dan gedacht.

Met deze escapade blijft voor mij niets anders over dan R mijn oprechte excuses aan te bieden, misschien was het wel de hand van God die me hier strafte, maar het blijkt iedereen te kunnen overkomen hoe gedreven je ook bent in je standaard plichtmatige tafereeltjes voor iedere start van een rit. Puck Pieterse vergat haar Wahoo in het hotel, dus het kan zelfs de allerbeste overkomen blijkt.
Voor mij kwam daarna een heerlijk ontbijt, want de rit was natuurlijk zo uitgekozen dat er nog genoeg mee te nemen was van het buffet.

Les van de dag; ook al is het doorbijten met opstaan, het fijne van een ronde op de fiets, al zijn het geen enorme afstanden, uren of prestaties, is niet te toppen voor de rest van het gevoel van de dag.
Goed in de oren knopen.
En je hebt dan ook nog zeeën van tijd om nog een heleboel leuke dingen te doen de rest van de dag.
