Van watervallen en terugkerende sirenes

Een verblijf aan de noordkant van het Gardameer kan niet zonder een beklimming van de Ballino. Klassieke stijl vanaf Riva del Garda. Semi klassiek via de waterval van Varone. Dat stond dus op het plan van de dag. Naar boven.

Maar om te beginnen heb je een startpunt nodig. De voet. De voet was nog lastig te vinden als je niet de hoofdweg wil volgen. Dan blijken er wel heel veel kleine doodlopende, op kiezelpaden en anderszins onzinnige wegen te lopen richting de voet. Heel Italiaans voor een toerist, op stijle stukjes uitkomend tussen oude tegen het vervallen aan staande huizen.

Maar dat is zonder de doorzetter gerekend en uiteindelijk vond ik de juiste route. Of ik die nog eens terugvind is de vraag.

De klim kon beginnen. De klim begon. De klim vroeg veel van me. De grote plannen werden klein. Ik stond weer keurig naast het door me zelf neergezette voetstuk. Langzaam maar zeker naar boven. Rustig trappen. Tandje lichter. Soms een tandje zwaarder.

Lago di Tenno kwam in zicht. Hoe vaak ik er ook al langs ben gereden, ik ben te lui om het op te zoeken op Strava, iedere keer is de kleur van het meer even verbluffend. Meestal neem ik niet de tijd om mijn iPhone uit mijn achterzak te halen, maar vandaag deed ik dat wel. Een beeld dat ik moest delen.

Het is nog een paar kilometer tot de top. Ik rijd een vader en zoon voorbij. De vader heeft steun van een accu. De zoon achterstand door een oude fiets. Een mooi duo. De zoon klimt zonder het te weten als Pantani. Handen onder in de beugel en staan.

De laatste paar kilometers zijn best lastig. Lopen naar beneden maar ook minstens net zo gemeen weer omhoog. Wat kan ik me daar in vergissen. Iedere keer weer.

Op de top is het fris. Ik ben blij met mijn bodywarmer die ik aantrek voor de afdaling.

De zon laat het water verdampen

Ik daal af. Vergezeld door mijn toch weer gierende rem. Een sirene zoals R het passend heeft omschreven op ongeveer 1200 kilometer afstand.

Beneden bedenk ik me dat het maar de vraag is hoe ik hier de volgende keer ben. In ieder geval ouder. Daarom toch de moeite genomen om weer te gaan klimmen richting de waterval. Mijn favoriete toeristische bestemming, die beperkt door toeristen bezocht wordt.

Een bidon met fris water en een halve reep en ik ga weer verder. Nog een stuk omhoog, maar dit deel herinnerde ik me zwaarder dan het in het echt is.

Afdalen nu. Ik probeer het punt in de rem te vinden dat ik het minst aangeef dat ik er aan kom. Ik vind het punt soms, maar niet altijd.

Daar ligt de Ballino

Naar het dal van Cavedine. Vandaag niet de standaard route, maar het fietspad, slingerend over klimmetjes. Veel andere fietsers. Vooral met hulp uit accu’s en niet allemaal even stuurvaardig. Iedere groep heeft zo’n deelnemer die iets te duidelijk aangeeft wat er onderweg aankomt, met armbewegingen en her en der een schreeuw.

Arco komt er aan. Terwijl ik de plaats binnen rijd kijkt E op me neer vanaf de burcht die hoog boven Arco uittorent.

Ik ga bij de fontein zitten wachten. Woensdag marktdag, iedere eerste en derde woensdag van de mand voor de bezoekers in spe, dus een drukte van belang. Ik durf mijn fiets niet achter te laten om een ijsje te halen.

Verplaats me naar een bankje bij de kerk en word daar verrast door E terwijl ik de socials bijwerk.

Nu nog geen ijs, maar een douche voordat we naar een pasta op zoek gaan.

De renner en zijn appartement

Op een paar meter van ons appartement ligt een één pagina menu kaart restaurant. Geen gekkigheid, maar lekker, eenvoudig en geprijsd om gegeten te worden. Dat doen de Italianen daar. Die zie je minder “binnen de ring”, maar vooral hier.

Lekker, maar zo pittig en voor mijn doen best wel in de olie…

Mooie dag. Mooie rit. Zo kun je een dag doorkomen.

En dan ‘s avonds nog een ijsje, één veeg, het zijn geen bollen, terwijl we kijken naar iemand die midden op het plein laat zien dat “free dance” en “street artist” zijn nog best een kunst is, waarvan het kunnen niet iedereen gegeven is. Maar je moet het maar durven, zo midden op een plein, op onduidelijke muziek nog onduidelijkere bewegingen makend alsof je in een heel andere wereld bent. Voor ons was het prima vermaak.

Rotonde en Galfer remblokken

Vanaf ons terras hebben we uitzicht op een kleine rotonde. Het woord klein bij rotonde betekend dat er geen bouwwerk, fontein, beeld of bloementuin in het midden staat, maar niet meer dan een rond rood vlak met vier lampen die ‘s avonds beginnen te branden. Het is de bedoeling om rond het rode vlak te rijden of dit als keerpunt te gebruiken. “De bedoeling” zegt genoeg. Het er overheen rijden lijkt een volkssport in Arco.

De rotonde is ook het ideale punt om fietsend Arco te bekijken. Van de typische Italiaanse huis, tuin en keuken fiets, de elektrische mountainbike, de verdwaalde fat bike, met de opvallend genoeg zelfde type berijder als in Nederland en de door mij geliefde racefiets. Het is hier midden in het dorp dus de persoon op de racefiets, al dan niet met cyclus, doet hier extra zijn of haar best. Ik kijk daar graag naar. Dat nog een keer extra aanzetten of juist het grootse praten alsof het allemaal de gewoonste zaak van de wereld is.

Gisteren was het, het grootste deel van de dag op de fiets niet goed toeven. Regenbuien en zoals we de zuid Europese wegen dan kennen, gladdigheid op de weg. Ontwijk de witte strepen om vooral niet weg te glibberen. Bij ons voor de deur lukt dat niet iedereen. Mij lukte het door de fiets te laten staan en alleen de benenwagen te gebruiken om me te verplaatsen.

Maar fietsloos bleef het niet. Naast de Vuelta werd een oplossing gezocht voor, of is het tegen, de gillende voorrem. Ik denk dat ik nu wel alle verschillende woorden die ik kan bedenken heb gebruikt om aan te geven wat voor geluid de rem maakte. Een bezoek aan de fietsenwinkel voor een stel nieuwe remblokken. Op minder dan een steenworp afstand zit Giuliani. Alleen al voor de naam wil je er naar toe. Daar hadden ze blokken van Galfer. Galfer is een Spaans remonderdelen merk, dat vooral bekend is van de remschijven. Licht voor een aardige prijs. Schijnen wel snel krom te gaan, maar zijn hip om op je fiets te zetten. In de tijd waar alles volgen vast concept gaat op de fietsen en waar het steeds lastiger is om je eigen draai te geven aan een fiets, is dit een mogelijkheid om anders te zijn.

In de extra kamer die mijn fiets heeft naast de garage, ook de witte dame heeft vakantie, de blokken rustig gemonteerd. Alles schoon. Cylinders goed open geduwd. Inremmen tijdens rondes door de parkeergarage. Het lijkt te werken. De rem remt zonder daarbij het hele appartementen complex te irriteren.

Vandaag de test of het ook zo goed, vooral stil, werkt als er echt geremd wordt in de buitenwereld.

Cavedine zekerheid

Geen zekerheid. Dat is wat het weer bracht. Eerder waarschuwingen over wat je in Bergen tegen kunt komen als het gaat regenen. Daarom koos ik voor de zekerheid van Cavedine. Niets op tegen, ook als ligt Arco er wel wat dichter bij en, reken maar na, dan kom je op minder kilometers als je een enkele ronde rijdt.

Voor mij daarom nog een tweetal lussen extra om zo toch richting de vijftig kilometer te fietsen. Het weer viel natuurlijk alles mee, maar dat heb ik toch liever dan een bak water over me heen.

Op de terugweg werd ik ingehaald op een klimmetje door iemand op een Merida met gymschoenen aan en een rugzak op. Twijfel aan mijn conditie is dus groot, ook al was ik niet eens heel erg langzaam in vergelijking tot 2024. Misschien kwam het grootste nog niet ontdekte talent uit de omgeving onderweg op de reserve fiets van Zambanini me wel voorbij. Wie zal het zeggen.

Nog een reden om geen enorme rit te maken is dat de piepen schijfrem nog niet is verholpen. De voorrem is een luchthoorn, bij iedere rempartij. Fietsvriend R had me alleen gelaten als ik zo met hem onderweg zou zijn en misschien alvast een advertentie bij buycycle.com geplaatst. Dit moet ik gaan verhelpen voor dat ik weer op pad ga.

Gezonde snack na afloop. In “De Renner” zijn dadels het eten in de achterzak van de renner.

We zijn er weer, maar toch anders

Twijfel. We hebben vakantie, maar wordt het Hintergarten, Balkonia of een andere bestemming. Dit voorjaar waren we nogal reislustig en daarom was de vraag of we er dit najaar nog wel zin in hadden. Zin hebben of zin maken.

Op en werkdag kwam ik na weer de nodige uren op de Zuidas thuis en wist ik het zeker. We moesten gaan. Drie weken thuis zou aanvoelen als een heel erg lang weekend en dan was het nodige herstel er vast niet. Verandering van spijs doet eten en verandering van plaats doet leven.

Maar waar naartoe. Ik had wat gezocht, maar kwam eigenlijk niet verder dan wat ik ken. Gelukkig is er reisorganisator E. Een kleine presentatie ontving ik van een serie slaapgelegenheden. Tegen één er van kon ik geen nee zeggen. Een modern appartement in hartje Arco. Op de foto’s fantastisch. De hoop was in het echt ook. Ik had het zelf ook voorbij zien komen, maar aan de kant geschoven.

We hadden dus niet alleen vakantie, maar gingen ook. In stappen. Van Böttigheim met familie bezoek, naar Vipiteno of Sterzing zoals de liefhebbers van het groot Oostenrijkse rijk het nog graag noemen, waar we heerlijk aten in Nepomuk, en door naar Arco.

Daar deed het appartement zich alle eer aan. Beter dan dit wordt het volgens mij niet. Mooi ingericht, eigen garage en een balkon, laten we het terras noemen, rondom het hele appartement, waar de stappenteller enthousiast van wordt, met uitzicht op de kerk, het park en de burcht van Arco. Met een paar stappen ben je bij alles dat Arco leuk maakt en voor wie elektrisch rijdt zijn de laadpalen, snel, heel dichtbij.

Maar ik was niet gekomen om in een appartement te zitten. De lezer van dit blog ook niet. Ik wil fietsen en de lezer daar over lezen.

Op zondag was het tijd voor de eerste rit. De grote plannen, werden kleine plannen, werden flexibele plannen. In mijn hoofd fiets ik de straatstenen uit de straat, in het ware leven is dat andere koek.

Ik besluit eerst maar eens richting het Lago Di Cavedine te gaan en dan wel verder te zien. Ik wil te graag en houd me dan niet in tot wat ik kan. Maar na het meer, wilde ik wel meer. Stuk naar boven. Met beleid. Bocht na bocht. Tot aan het fietspad en toen verder.

Ik zag en vond dat het goed was. Maar het kon nog beter. Naar de voet van de Ballino en daar naar boven. Op mijn gemak.

In één keer naar boven en daarna naar beneden.

Dat laatste was niet echt om aan te horen. Mijn voorrem maakte een enorm schreeuwend geluid bij iedere lichte remactie. De reden is, hoop ik, het begin van de rit. Bij het wegrijden liep mijn rem heel erg aan. Ik sleutelen. Ik doen. Uiteindelijk de blokken uit elkaar geduwd. het aanlopen verholpen, maar het gillen en piepen of schreeuwen van de rem ontstaan. Ik denk dat de blokken niet goed, meer, zijn en vervangen moeten worden.

Zo kwam ik in het dal en fietste over wat toch wel één van de minst prettige fietspaden op de route genoemd mag worden terug naar huis.

Rit één zat er op. Meer dan verwacht. Beter dan verwacht.

Fietsen blijft voor mij een stuk ook je eigen beperkingen durven erkennen en te genieten tot het moment ze zich aandienen en te proberen ze een stuk op te schuiven. De comfort zone is een zone om de grenzen van op te zoeken. Dat lukte vandaag wonderwel goed.

Toch langer

Vandaag wilde ik nog een keer iets langer fietsen. Niet de iets meer dan twee uur, maar iets meer dan drie. Er stond weer een mooie training in Join klaar. Vier keer 12 minuten tempo. De rest op duurtempo.

Weer eens in Rapha

Trainen doe ik het liefste in de polder. Fietsen kan heel goed ook er buiten. Trainen is namelijk vooral zorgen dat je de juiste inspanningen kunt rijden zonder te veel ander verkeer en zo min mogelijk stoppen.

Zo ging ik op pad. Een ronde langs de kop van de polder. Langs Elburg en Kampen tot dat ik bijna de Ketelbrug kon aantikken.

Daar ergens ligt de Ketelbrug

Het eerste blok voelde moeilijk. De andere blokken wist ik goed door te trappen. De 5 minuten rust er tussenin vlogen steeds voorbij.

Bijzondere verdeelde luchten

De lucht was bijzonder. Hoe noordelijker hoe donkerder, zo zwaar bewolkt dat er zelfs nog en drup regen uit viel.

Waar ik me weer in had vergist is de lengte van deze ronde. In kilometers en daardoor ook in uren. De ruim 3 werden er goed 4. Toch wel een stuk meer. Vraagt ook wel wat meer van de benen.

Met de kilometers steeg de temperatuur. Ik bleef daarbij maar trappen. Zelfs al ging het moeizamer en moeizamer.

Maar aan het einde was het mooi. Join wist er nog een voldoende voor te geven. De conditie was weer wat toegenomen. Op Strava de serie eigen snelste tijden toegenomen. Het vertrouwen in de wielen er nog steeds.

Toen was het eigenlijk klaar, maar moest ik nog een stuk met minder gunstige wind

De rest van de zondag kon aan Vuelta en ander gekoers worden besteed.

Oneerlijk – Roval CLXIII Sprint

Het was dit voorjaar al aangekondigd. Er kwamen nieuwe wielen aan van Roval. Roval is het onderdelen merk binnen Specialized. Ik rijd al een aantal jaren met veel plezier op Roval wielen. Wat me vooral bevalt is dat ze sterk zijn, want wat heb ik een problemen gehad met andere merken, en zoals bij de Specialized groep betaamd doordacht aerodynamisch. Kers op de taart is dat ze “hooked” zijn en dat, dat de veiligheid vergroot.

Maar de aankondiging betekende nog niet meteen dat ze ook verkrijgbaar waren. Er werd wat mee getest en gewonnen bij de profs en in de Tour de France werd er echt mee gereden. De Sprint voor de snelle ritten en de normale CLX III voor de andere ritten. Sprint 18 centimeter sneller op de laatste 250 meter dan de concurrentie en de anderen ruim 200 gram lichter. Dat wordt bereikt door Carbon spaken, andere naven en verbeterde velgen. heel bijzonder is dat ze een “reverse mullet”’hebben. Een gewone mullet, of een fokuhila, heeft een laag voorwiel en een hoog achterwiel. Maar wat ontdekten ze in de windtunnel, het meeste aerodynamische effect haal je uit je voorwiel. Dus een hoger voorwiel en een lager en lichter achterwiel.

Reverse mullet

Daarom hield ik de socials van de fietsen zaken in de gaten. Het en der druppelde wat binnen en toen zag ik ze opeens bij Kaptein Tweewielers op Instagram staan. De Sprint. De ideale wielen voor mijn rondes in de polder.

Bezoek op vrijdag en knoop meteen doorgehakt.

Wielen horen bij mijn fiets zwaktes. Ik weet ik heb er veel.

Maar deze zijn wel weer heel mooi. Glimmend. Lekker hoog, 60 mm voor en 58 achter. Hebben carbonspaken. Hebben chroom spaaknippels.

Besloot om er maar meteen Continental GP5000s om te laten leggen met Silca tubeless melk in de banden. Klein detail, er zitten aluminium ventiel dopjes bij.

Ik ben helemaal weg van het uiterlijk, maar wat is uiterlijk zonder prestaties?

Vandaag klaar voor een ronde op de fiets. Nog wat te doen dus de typische iets meer dan twee uur. Join had een aardige training met 5x 1 minuut kracht en 15 minuten tempo in een rit van 2 uur en 15 minuten die ik verder op duurtempo mocht rondrijden.

Bij het vertrek viel meteen op dat deze wielen stijf zijn. Niet hard, maar van die wielen die zorgen dat je vooruit gaat. Bij het vertrek viel nog meer op en dat viel nog meer op bij het zoeven over het asfalt in de polder. Deze wielen hoor je aankomen.

Onze polder is een triathlon trainingsmekka. Voor van die besluiteloze mensen die geen sport keuze kunnen maken en vergeten (hoge) sokken aan te trekken en soms in een zwembroek fietsen. Dat volk. Maar ze rijden wel op hele snelle tijdrit fietsen en gaan snel. Doen dat vaak met hele hoge velgen of zelfs dichte wielen. Dan hoor je ze aankomen door het geluid dat de wielen maken in de wind.

Dat doen deze Rovals dus ook.

Verder lopen ze als een zonnetje. Snijden door de wind, maar zijn er niet heel gevoelig voor.

Zo reed ik rond en genoot ik.

Deze wielen voelen als valsspelen. Dus als je Tim Mellier of Van Poppel een sprint ziet winnen, dan weet je dat ze eigenlijk 18 centimeter teruggezet moeten worden. Misschien was dat wel de echte reden dan Van Poppel vandaag werd teruggezet in de sprint en Mellier met straatlengtes voorsprong won.

Door de week

Een dag thuiswerken kun je heel goed starten met een ronde* op de fiets. Join had er zelfs een training voor klaar staan. Ik mocht 5 x 3 minuten vol gas. Dat is is best pittig na verloop van tijd.

Dus daar ging ik rond half zeven. Heel laat wilde ik de dag namelijk ook weer niet beginnen achter mijn bureau, want er zijn ook mensen blij met een reactie van mij.

Ik ben helemaal in de korte broek en korte mouwen modus dus zo reed ik vanochtend ook weg. Best fris, maar tijdens de inspanning wel zo lekker.

Dus zo begon ik de dag goed. Helaas wel de hele dag het gevoel dat het donderdag was, omdat ik wat vaker op donderdag vanuit huis werk. Maar morgen mag ik dus nog een keer naar de Zuidas. Hopelijk zonder al te veel Sail bezoekers onderweg.

*Ik heb hier bewust gekozen om het verkleinen me “-je” niet te doen. Ik word kriegel van iedereen die op Strava alles “rondje” noemt, terwijl ze enorme afstanden rijden of het voor de rijder een hele opgave is. Noem het wat het is. Een ronde, een rit, een uitdaging of een martelgang, maar doe niet net alsof het allemaal niets voorstelt.

In opdracht

Tijd voor de jaarlijkse beoordeling. Hoe wordt het bureaustoelzitten gewaardeerd. Alles crescendo. Vooral zo doorgaan. Maar ook iets anders doen. Tijd inruimen voor mij. Verplicht ergens een moment blokken.

Volgzaam als ik ben deze week meteen gedaan. Donderdagochtend zat ik op de fiets. Join had een stevige training voor me klaargezet. Stevige intervallen. Na zo’n ochtend is het prima werken. Lichamelijk vermoeid maakt de geest vrij.

Helemaal eerlijk was de donderdag niet. Ik mocht namelijk vrijdag voor een lunchmeeting weer richting de Zuidas. Daarom maar vroeg weer op de fiets, zodat die niet stil zou blijven staan. Had ik ook zo aangegeven aan de partner waar de afspraak mee gepland was. Dat moest ik beloven.

Weer een stevige training van Join. Intervallen die begonnen met een sprint dan kleine 5 minuten hard doorrijden en dan weer afspringen. Van die intervallen dat je de eerste keer denkt: is dat alles en dan bij de laatste je nog net de tijd weet vol te maken.

Zelfde punt, meer zon

Zaterdag. Een duurtraining. Twijfel over de lengte. Ik wilde nog wel wat anders doen de rest van de zaterdag. Als ontbijt de slecht gebakken pannenkoeken. Toch beter lezen voor het beste resultaat, maar wel een goede basis om te gaan rijden.

Stevige wind. Werken tegen de wind in, maar ik probeerde de te leveren inspanning in de gaten te houden. Tegen buiten fietsen gaat niet veel op.

Na de tegen wind volgde mee wind. Dan wordt fietsen nog leuker. Maar als je, je wattage in de gaten houdt gaat het niet altijd heel hard. Maar het resultaat is het doel. Tot dat ik ingehaald werd. Was niet heel erg onder de indruk van de fietser. Ik gleed mee in zijn wiel. Stuk sneller. Vond dat ik niet in het wiel kon blijven en nam over. Klein beetje spierballen laten zien. Of zijn het kuiten en dijen. Zo reed ik door. Lekker door, maar een stuk sneller dan origineel gepland. Mijn kompaan van het moment die ik eigenlijk in de luwte mee wilde laten glijden was in geen velden of wegen meer te bekennen. Was niet de bedoeling van me.

Zelfde punt zaterdag zwaar bewolkt

In de middag gingen E en ik er nog op uit. Cadeau jacht omdat mijn vader bijna jarig is. Uiteindelijk kwamen we in Weesp terecht. De fietsenwinkel was dicht. Hun pech, want je weet nooit wat er op een zaterdagmiddag in augustus kan gebeuren. Maar in de etalage stond een Colnago Y1rs. De Pogacar fiets. De eerste keer dat ik hem in levende lijve zag. E was onder de indruk.

Na drie dagen op de fiets geeft Join me vrij af. Maar het is zondag en dan heb ik tijd om te fietsen. Als het dan kan dan kan ik ook wel een ronde gaan rijden. Gewoon fietsen. Geen gekkigheid. Ook niet te lang.

Terwijl ik ‘s ochtend de trap op en neer loop merk ik dat er eerder het weekend gefietst is. Op de fiets is het heel anders. Ik trap en voel me er goed bij. Ik houd alles binnen de perken. Voel me net een fietser, beetje wielrenner zelfs. Dat krijg je als eens binnen de grenzen van je kunnen fietst.

Hier staan voor de goede kijker ooievaars. Maar misschien staan ze er ook niet als ik niet goed gefotografeerd heb

Beetje jammer was de regen die aan het einde viel, maar die kon de pret niet drukken. Net als de gemiddeld 12 graden die best fris waren, ook al kon het kort – kort rondrijden nog prima.

In de middag alle wielerkoersen afwerken, met allemaal verrassingen die op de streep beslecht werden met verrassende winnaars of andere dan gedacht.

Nu is het zondagavond en merk ik dat het goed is dat ik morgen weer op een bureaustoel zit. Maar het zadel geeft toch wel heel veel voldoening en verlangt naar meer.

Een ander kaliber

We hadden onze afspraak al twee keer verschoven in verband met mindere weersverwachtingen, maar vandaag moest ik er aan geloven. We gingen richting de Weerribben en voor mij betekende dat een ronde in die omgeving door de noordelijke provincies samen met R. Een uitdaging nu R weer tijd heeft om te oefenen en ook omdat ik natuurlijk geen idee had wat met de rit zou brengen. Ik had op Strava gezien dat er het nodige aan trainingsarbeid in de benen zat, dus dat deed al weer het ergste vrezen.

Zoals we dat gewend zijn werden goed verzorgd bij aankomst. De espresso’s zorgden voor de cafeïne kik om helemaal klaar te staan.

Daarna was er geen ontkomen meer aan en werden de schoenen ingeslikt voor vertrek. Rechtsaf. Mijn benen hadden nog niet goed of wel doorgekregen dat ze moesten fietsen of ze werden al tot snelheid aangespoord. Niets inrijden, gaan! Join mocht zich achteraf wel druk maken, ik ging volgen.

Kriskras door een omgeving die alle kanten op even mooi is, maar die voor de niet kenner ook de hele tijd lijkt op het zelfde, waardoor de verwarring groot is en ik geen idee had waar ik was of welke kant ik op ging of op zou gaan. Daarbij ook geen idee of de wind nu meer mee of tegen zou staan. Iedere bocht werd een sprint naar het achterwiel van R.

Kleine poging voor een blik van voor

We reden door velden, langs kanalen, over slingerende dijkjes, door alleraardigste plaatsjes, over glooiende wegen, door oerbossen, langs koloniën en meer landelijk Nederland. Links, rechts. Rechts, links. Of en toe een stukje langer rechtsdoor. Mijn focus was vooral op een achterwiel waarin ik de DT Swiss 180 naaf rond zag draaien.

We werden bijgehaald door een stel hardrijders. Een vrouw en een man. Mee natuurlijk. Zij sloegen af. We werden bijgehaald door een postbode op een elektrische scooter. Mee natuurlijk. Hij sloeg af.

Wij sloegen af en het werd bal. Een pad waar ik op een mountainbike van genoten had. Een pad waar ik op de racefiets graag verre van blijf. R geniet. Bocht. Aanzetten. Slingeren. Aanzetten. Grind. Aanzetten. Gat in de weg. Aanzetten. Tegemoet komende mountainbikers. Aanzetten. Einde. Aanzetten.

Bleek niet helemaal de bedoeling te zijn.

We gingen verder. Op zoek naar de juiste weg. De wereldstad, als ze deze rechten hebben, Appelscha deed ons bijna de das om. Alle wegen leiden naar Appelscha, maar niet naar wat bekend is. Draaien. Keren. Nog een keer. Maar dan zitten we goed en komen we in een gebied waar de Veluwe jaloers op is. Beetje op en neer. Beetje slingers. Mooi fietspad. Jammer dat daar de hele Stella brigade ook graag gebruik van maakt.

In het bos kijken we of we nog wel echt de goede kantoor gaan. Redelijk is het antwoord. De extra reep is noodzakelijk.

We denderen door. Hebben onderweg zelfs tijd om af en toe een paar woorden te wisselen, maar wie me kent weet dat ik niet zo praterig ben en op de fiets nog wat minder.

Na al het wieltjes zuigen kom ik ook even op kop. Had ik het maar niets gedaan. Precies in de open ruimte van mijn helm wordt een bij naar binnen gezogen die dat minder leuk vindt en met uit angst steekt. Dat doet zeer. Al rijdend helm of, bij er uit en hopen dat het mee valt. De bij is de reden dat ik dit nu typ en niet fiets. Mijn hoofd is iets te groot en gevoelig voor een helm.

Maar we mogen nog een paar kilometer.

Zelfs R dronk!

Op het moment dat ik vraag hoe ver het nog is, krijg ik te horen nog tussen de 12 en 30 kilometer. Onze landmeter van Kalenberg heeft ze afstanden fout, expres, want het zijn er nog welgeteld 3. Was ook wel mooi zo.

122,55 kilometer. Waarbij R eigenlijk lang volgens het Hennie Kuiper adagium leefde: 70 is een prima getal.

Het was voor mij duidelijk te merken dat oefening kunst baard n dat voor degene die de kunst al beheerd de virtuoos opleeft na oefening. Het was weer ouderwets gaan. Een veel sterkere prikkel dan wanneer ik alleen mijn ronde maak, zelfs als ik daarin de intervallen van Join doe. Intervallen die je door een ander worden opgelegd die sterker is laten je dieper gaan.

Mijn moment op kop

De dag sloten we verdiend af al kletsend aan tafel in de zon. Daarbij de wijze les krijgend dat airfryer producten niet in de frituur mogen, maar dat R niet alleen een coureur maar ook een patatoloog is.

Het bleef nog lang onrustig in Kalenberg en wij hadden zomaar weer een vakantiedag in eigen land.

S-works Tarmac SL8 2026 kleuren

Wat zag ik verschijnen. De nieuwe kleuren van de SL8 frames. Ze druppelen in Thailand al binnen.

De laatste heeft Dolomiti in de kleuren naam. Zou ik op moeten durven rijden als liefhebber van het noorden van Italië.

En van de Giro d’Italia.