Gebakken lucht?

Loop ik gisteren langs de Lidl in Band Bentheim, zie ik dat de fietspompen in de aanbieding zijn.

Daar kun je bijna 75 exemplaren van kopen voordat je de Silca SuperPista Ultimate Hydro pomp bij elkaar hebt.

Dé Silca pomp

Iemand benieuwd met welke pomp ik mijn banden oppomp?

Echt weer!

Het vooraf bekijken hoe laat de uitzending van het WK begint lijkt niet heel goed voor mij te zijn. Er stond ongeveer 2 uur en zo opende ik niet heel veel later mijn ogen. Toch maar de iPad neergezet en mijn oortjes ingedaan en met koersdutjes doorspekt het eerste deel van het WK gezien. Schrok wakker bij de naam Van der Poel, er werd bij ons niet aan de deur geklopt, zag de Franse aanval, miste een deel van het verloop en keek vanaf ongeveer 6 uur op het grote scherm vanaf de bank. Laat ik het zo samen vatten: aan mijn fiets zal het niet liggen. Ook al ben ik geen groot fan, dit was wel een echt bewijs van klasse.

Zie die bril. Zie die fiets

Mijn MvdP bril liet ik thuis en ik koos voor de agressieve van Remco. Tijd voor mijn eigen kilometers toen de renners over de meer waren gekomen.

De polder in.

In de zon.

Tot dat ik een plensbui over me heen kreeg. Maar daarna was het echt prima.

Over de A6

Een ronde naar de Ketelbrug. Vlak tempo en af en toe iets meer wattage op de pedalen duwen.

Illegale auto- en motorrace baan

Zo onder de herfstzon was het heerlijk om te fietsen. Zo mag het nog wel even doorgaan, ook al geeft de weersverwachting nu echte herfstdagen aan.

Na Lelystad zag ik op de dijk een groepje voor me. Zou lekker zijn om er bij mee te kunnen rijden. Wat gezelschap. Wat uit de wind. Maar toe ik er bij kwam en na een paar honderd meter uit hoffelijkheid de kop nam, om te laten zien dat ik van goede wil was, bleek dat ze bij mij niet meer over wilden nemen. Bleek dat er niets over te nemen viel bij de parkeer havens, omdat ze helemaal niet in mijn wiel zaten.

Wat was dat nou. Niets gezelschap. Niets uit de wind zitten.

Alleen een hardloopwedstrijd waar ik dwars tegenin fietste op het laatste stukje.

“Keep on smiling” – ook als het soms wat lastiger is

Bleek toch nogal een wedstrijd dag te zijn. Zo zag ik een flink gezelschap de CPC lopen en werd mijn neef samen met zijn Hollandse Herder Nederlands kampioen in de honden sport. Zo’n sub-cultuur waar je niets van weet als je er niet toevallig mee in aanraking komt.

Net als van die fietsers die zich in lycra hijsen om rond te rijden en zich een klein beetje wielrenner voelen.

Zoiets.

“Jij gaat zeker een rondje fietsen?!”

Gisteren reden we terug vanuit Torbole naar Nederland. Het liep voorspoedig en met fossiele brandstof bleek het best te doen. Voorspoedig is relatief als je een afgesloten A22 oprit waardoor we de verkeerde kant op gestuurd werden, een brandende vrachtauto, een verkeerde afslag en een zoutzuur lekkende vrachtauto met een afgesloten A3 tot gevolg op de koop toeneemt. Met goed gezelschap is iedere autorit natuurlijk een plezier.

Hapje in Oostenrijk

Dat goede gezelschap heeft ook zo haar methodes. Terwijl ik nog volop in de emotie zat na de ongelofelijke overwinning van Annemiek van Vleuten, werd er de opmerking gemaakt: “jij gaat zeker een rondje fietsen?!” Ik denk dat de intonatie van de “zeker” me geen ander antwoord kon laten geven dan “ja natuurlijk”. Terwijl ik de autorit nog in mijn lichaam had zitten en het buiten regende. Niet mijn favoriete weersomstandigheden. Maar als je beter wil worden…

Dus terwijl, E op pad ging, deed ik dat ook. Op de fiets wel te verstaan. Buiten ook nog.

Natte polder

Zo ging ik dus van de stralende Italiaanse omstandigheden naar de natte polder. Zelfs met mijn regen-bodywarmer aan. Best nodig.

Tijd voor een paar foto’s

Goed waterdicht dat jasje, maar de rest van de kleding was het zeker niet.

Vieze fiets

En wat dan nog veel erger is, je fiets wordt er ook zo smerig van. Hier was een nat doekje niet genoeg voor, maar moest de tuinslang aan te pas komen.

Zo gaat het in de herfst. Zeker in de polder.

Is dit de perfecte fiets voor deze omstandigheden? Een fijne fiets is het zeker.

De weken Italië in cijfers

Voor de liefhebbers in cijfers wat ik gedaan heb in de periode waarin we op pad waren:

1145 kilometer

9408 hoogtemeters

205 kilometer langste rit

Passo Manghen hoogste beklimming op 2056 meter

48 uur en 34 minuten gefietst

0 lekke banden

Massa reepjes en gelletjes gegeten

Afgelopen maand conditie 15 punten of 20% opgeschroefd op Strava

Factor tevredenheid: gestegen

Plannen: hard over nadenken

Rust en afscheid

Op woensdag bleek het goed rusten. Ik dacht nog een beetje aan de dinsdag en trok de dag met E op. Ook al geloofd niet iedereen het, het is toch echt onze gezamenlijke vakantie en niet een of ander trainingskamp. Het laatste is het binnen de marges wel een beetje voor me, omdat ik zo veel kan fietsen en ook de nodige rust kan pakken.

Daar gingen we dan

Ik liet me zelfs verleiden tot een rondje over de markt in Arco, maar E daagde me niet uit om met de benenwagen te gaan. Beter voor het herstel.

Echt blij dat ik weer thuis gekomen ben

Vandaag al weer de laatste dag. Wat zo lang lijkt, vliegt dan opeens voorbij. Toch nog het nodige te doen vandaag en daarom er bewust voor gekozen om wat vroeger te vertrekken. Helaas was het nog maar wat fris, maar dat moest dan maar. Natuurlijk wel nog de kans gegrepen om in korte broek te rijden.

Klaarmaken voor vertrek

Als de zon ook maar een beetje doorkomt is het heerlijk. Zo typ ik dit ook liggend op mijn stretcher op het terras in de zon. Voorzichtig probeer ik me te beseffen dat het 22 september is en dat het in Nederland waarschijnlijk een heel stuk anders zal zijn.

Begin van mijn favoriete korte afdaling

De laatste rit besloten om eenvoudig te genieten van het Lago di Cavedine. Klimmetje doorgereden en een voor mij goede tijd neergezet. Geeft een beetje een idee van de vorm of die van de dag toch zeker.

Keerpunt

Ik fiets weer over het fietspad, waar ik al zo vaak geweest ben. zie aantallen van 113 op Strava voorbij komen.

Die kant op

Ik neem de tijd om van een aantal ijkpunten foto’s te maken. Zo ook het volgende punt:

Het huis staat aan de linkerkant. Ik ga naar rechts

Het huis van de verkeerd gevaccineerde bakker. Ik had hem eerder nog niet zien zitten of voorbij zien schuifelen, maar zag hem gelukkig vandaag net na het maken van de foto nog. Altijd een moment van groeten. Liefhebber van de koers.

Lago di Cavedine in alle rust

Na Dro, inderdaad de woonplaats van Zambanini die de Vuelta reed en zijn seizoen gaat afsluiten in Lombardije (Rinaldo gaat voor hem op de brommer zitten in de winter), rijd ik in de richting van Arco. Hoog boven de stad torenen de restanten van het kasteel uit.

Wie Arco zegt, denkt aan dit beeld

Dan is het nog maar 5 kilometer na Arco tot aan Torbole. Dan zitten de mogelijkheden om hier te fietsen er weer op.

Van die boer met kiespijn

Ik forceer een poging tot een glimlach op de laatste foto. Het was mooi. Ik vertrek met pijn in het hart.

Passo Manghen – een mooi weerzien

Waar slecht weer in Oostenrijk al niet goed voor kan zijn. Bijvoorbeeld voor het groen houden van de Alpenweides, maar ook om Ron (H) tijdens zijn gezinsvakantie over de Alpen te jagen. Zo ver over de Alpen dat hij redelijk in mijn buurt uit kwam en we zelfs een afspraak konden maken om samen te gaan rijden. Mooie toevoeging aan mijn vakantie.

Plannen werden gesmeed en van een eerdere keer dat ik op bezoek bij mijn ouders was aan het Lago di Levico wist ik dat je daarvandaan de Passo Manghen kunt beklimmen. Een beklimming die tot de mythische beklimmingen van Trentino behoren, die door Rinaldo als lastig wordt ingeschaald en waarover René eerder ook eens zei dat hij pittig is.

Ik herinnerde me vooral het einde dat ik niet doorfietsend haalde en de meneer die foto’s van me nam op de top, maar alleen maar foto’s van zichzelf bleek te hebben gemaakt. Moet in de tijd van de iPhone 4 zijn geweest denk ik. Bleek dat de Manghen niet op Strava staat bij me ter vergelijking.

Plannen gemaakt en tijd afgesproken.

Inladen maar!

Natuurlijk was ik meer dan op tijd wakker, maar al kijkend naar de junioren en hun WK tijdrijden, met spektakelstukken als een bocht verkeerd nemen en te laat op het startpodium staan en verkeerde versnellingen monteren, raakte ik een uur kwijt en moest ik me uiteindelijk haasten om nog een beetje rond het afgesproken tijdstip bij Ron te zijn.

Eens iets anders dan op de fiets voorbij komen

Google stuurde me over een bijzondere route. Voor mij memorie lane van afgelopen voorjaar toen ik de zelfde route fietste om bij de start van de Giro te kijken in Borgo Valsugana. 17% bergje inclusief. Stuk eenvoudiger in de 4×4.

Ron bleek op de camping achter die waar mijn ouders eerder stonden (2 Lagi) te staan. Ontvangst committee stond al klaar en ik probeerde om me maar zo snel mogelijk om te kleden en verder klaar te maken. Niet mijn manier, maar zo relaxed als Ron is, is het natuurlijk geen probleem.

We zetten koers naar Borgo Valsugana. Warm draaien op het fietspad. Warmdraaien is wel nodig. In de schaduw is het 5 graden en we hebben ons gekleed op de inspanning op de beklimming. Ondershirt, korte mouwen en korte broek. Fris dus.

Borgo Valsugana tijdens de Giro

Waar de renners tijdens de Giro het bruggetje over gingen, deden wij dat ook in tegenovergestelde richting. Op weg naar de voet van de beklimming.

Daar gingen we!

Vooral daar ging Ron. Stamp, stamp, stamp en ik zag hem aan de horizon verdwijnen.

Daar gaat ie

Eigen tempo. Het eerste dat door me heen gaat. Het is nog ongeveer 22 kilometer. Mijn ketting ligt al op het binnenblad. Ik kies mijn ritme en begin te trappen. Mooi tempo. Ron wordt weer groter. het is niet blijven lossen bij de eerste bocht.

Gelukkig, de pas is open

Ook bij deze beklimming staat iedere kilometer een bordje over wat er nog te wachten staat. Aan het begin van de klim is de informatie vriendelijk. Naar het einde toe wordt dat minder. Kilometers lang boven de 9% gemiddeld zou ik later leren. Maar dat zou nog wel even duren.

Mijn ros

Onze tempo’s naar boven lopen niet helemaal synchroon. Ik besluit Ron terug te laten komen. Ik wil voorkomen dat we geen contact met elkaar hebben tijdens de beklimming.

Is ie weer

Volgende deel van de klim. Ik merk dat ik de afgelopen weken veel heb gereden en ook de nodige klimmetjes heb opgereden. Ik voel me goed. Ik voel mijn benen niet. Bedenk me alleen hoe mooi het moet zijn als je een 65 kilo wegende klimmer bent en dan toch een flink wattage kunt trappen. Ben ik niet. Ik ben anderhalf keer zo’n klimmer zonder de wattages, maar trap hier toch ook maar mooi naar boven.

Eigen tempo. Blijven trappen.

We zijn ongeveer halverwege. Ik denk dat het goed is om het volgende deel weer samen aan te pakken en zet mijn fiets even langs de kant.

Daar kom ik vandaan
Daar moet ik naar toe

De omgeving is hier machtig mooi tussen de hoge toppen. De weg slingert een beetje, maar haarspeldbochten liggen hier nog niet. Die komen pas meer naar de top.

Ik eet wat, leeg mijn blaas en drink nog wat om hem weer te vullen. Ik houd me zo veel mogelijk aan het schema dat de Wahoo tegen me roept. Verstandig, want vandaag zullen er wel heel wat calorieën worden verbrand en zweetdruppels vallen.

Ron sluit weer aan

Ron is er weer. Even praten. Eten. Drinken.

Doen alsof het niets is

En dan weer door.

De kleur rood verdwijnt steeds minder uit mijn schermpje. De kleur die aangeeft dat het stevig klimmen is. Ik zie dat er ook donkerrood op het Wahoo Element schermpje bestaat. Dat is dus heel stevig klimmen.

Mijn ketting ligt al een tijdje op de 30. Ik trap 36×30 nu. Ik vind het prima. Boven komen.

De haarspeldbochten komen. In de bochten gaan de percentages tot 17% zie ik, maar vlak erna voelt het iets vlakker. Fijn. Maar daarna klimt het weer even stijl door.

De kilometers lopen terug. Nog 3. Nog 2. Nog 1. De top ligt achter een bocht, maar het is een echte top, waarna het meteen berg af gaat. Geen vlakte. Machtig gezicht.

De top bereikt
Een mythische klimmer bij

Ik maak een babbeltje met een Duitser die ook naar boven is gereden. De 65 kilo wegende klimmer. Het klapperende skelet. Boven is het namelijk koud en ik ben blij dat ik mijn windjack bij me heb.

Het bewijs, Ron is er ook

De verplichte Pas foto maakt Ron van me. Stukje betere kwaliteit daardoor.

Ik was er ook echt

We dalen een stukje af voor een cola en de eerste verhalen. Het laatste deel is echt heel zwaar. Fietsen lijkt lopen op mijn niveau.

Een cola kan zo lekker zijn

We sturen onze fietsen weer bergaf. Ook hier eigen tempo. Niet te gek. We spreken halverwege even te wachten op elkaar, om elkaar niet uit het oog te verliezen. De afdaling is te lang om pas beneden te wachten.

Als je naar beneden rijdt en denkt dat het best stijl is om naar beneden te rijden, dan weet je wat je net bent opgefietst. Proberen om een te zijn met je fiets. Laten lopen en remmen. Lopende bochten soepel nemen. Schermpje in de gaten houden om te zien wat er te verwachten is. Ook daar is het navigatiescherm handig voor.

Het is bar koud naar beneden.

Ik sta te rillen bij het hotel en ben blij als we weer verder kunnen. Nog blijer dat er nu delen komen waarop we kunnen bij trappen. Het lichaam weer in beweging krijgen.

Op naar Borgo

We rijden na een lekker laatste deel van de afdaling dwars door Borgo en haar kleine straatjes en zo weer naar het fietspad.

Toch nog wel een stukje. Toch nog wel een paar vuile stukjes bergop. Toch wel tegenwind. Toch nog wel vermoeiend.

Maar zo blij en tevreden als we de camping hebben bereikt.

We belanden nog even op het terras om de dag door te nemen. De gemene deler was: het was een prachtige dag.

Ik heb enorm veel respect voor Ron dat en hoe hij de beklimming heeft gereden. Hij zat de afgelopen weken niet zo veel op de fiets en trapt deze beklimming gewoon op en het is niet de meest eenvoudige begreep ik.

Ik ben zelf heel blij dat ik het gedaan heb en hoe het gelopen is. Kwam ook boven en voelde me goed. Met het risico van een reprimande van E, natuurlijk alles binnen eigen kunnen. Er reden mensen op de zelfde dag vele malen sneller naar boven. Richard Carapaz (de KOM houder) rijdt de beklimming in 57minuten en 32 seconden op. Ik in 2 uur 27 minuten en 30 seconden. Maar er zijn 1000 mensen die er langer over gedaan hebben en 11.500 sneller. Maar als het dan vlakker wordt op het fietspad, dan ligt de prestatie heel anders. Dan komen de vlakke polder mannen boven drijven.

Sneeuw op de berg

Op weg naar huis krijg ik heel veel zin in pizza. Maar er is zo’n wachttijd dat het een broodje kipfilet wordt. Ook lekker.

Maar wat blij met het slechte weer in Oostenrijk.

Ontspanning

Met wat gepland staat voor dinsdag, was de maandag een dag n de rust op te zoeken. Benen los. Piano, piano.

Het is buiten koud. Echt waar. Volgens Rinaldo kon je doodvriezen met de temperaturen zoals ze nu zijn. Hem gebeurde het bijna op zijn rit.

Ik ging vol op Italiaans n droeg armstukken en een windvest. Mocht het niet uitdoen van me. Dat werd dus zweten.

Zo reed ik dan mijn rondje Lago di Cavedine. De benen schreeuwden om meer. Mijn hoofd eigenlijk ook, maar dat zou te veel worden. Dus ik hield me in. Hoofd erbij houden en inhouden.

Keurig.

Wo ist Arnold?

Toch wel!

Weer op Garda bodem. Wat doen na het in alle vroegte kijken naar het WK tijdrijden? Op mijn Cavedine ronde wordt vandaag voor een deel het WK Granfondo gereden. Dan maar de Ballino op bedenk ik me en dan zie ik het verder wel.

Ik kleed me warm aan, want het is koud buiten. Harde wind over de besneeuwde bergtoppen en het resultaat is duidelijk. Rinaldo had zelfs kniestukken aangetrokken, maar dat was te veel van het goede.

Op het fietspad langs het meer was het enorm druk. Op de weg naar boven ook. Ongekend. Typische Italiaanse waarop je met het gezin op pad gaat met een mix van toeristen er bij.

Mijn voornemen was het niet te dol te doen, maar met wat reserve naar boven te rijden. Lukte niet helemaal. Wat ik dacht dat op reserve was, was steviger dan ik dacht. Dat was trouwens niet vlot genoeg om toch ook ingehaald te worden. Die extra kilo’s hakken er bergop in.

Boven was het lastig om contact te hebben met E. Ger FaceTime. App-jes bleven hangen. Ik zag het zo weinig zitten dat ik mijn fiets weer de kant van Ballino de berg afstuurde.

Maar toen ik in de buurt van Tenno kwam ontving ik het eerste berichtje van E: ik zou er nog een lusje aanplakken, heerlijk weer!

Volgzaam als ik ben keerde ik weer. Nog een stukje naar boven en dan de pas van de andere kant af. Gelukkig met mijn windjack aan, want ook al was het maar op ongeveer 750 meter, ik vond het fris. Zeker in de schaduw.

Zo rolde ik de berg af en uiteindelijk door naar het Lago di Cavedine. De renners waren voorbij en ik had vrij baan.

Veel kracht zat er niet in mijn benen en zo trapte ik op een lichter verzet terug naar huis. Miste de mogelijkheid door te duwen op de terugweg, maar hoe dichter ik bij huis kwam hoe blijer ik was met de paar kilometer meer op de teller. Toch maar mooi gedaan.

Aan het einde van de dag aan de borrel en naar stoere verhalen luisteren van Rinaldo. Een sprint gewonnen met afgebroken zadel. Uitgeboorde onderdelen om ze lichter te maken. Ik houd er wel van.

Sneeuw!

Dat was een eenvoudige keuze. Voor mij geen nieuwe beklimming van de Mendel Pas. In de nacht was het niet alleen flink nat, maar ook een heel stuk frisser geworden. Sneeuw op de toppen. Geen zin om me daarin naar boven te slepen en vooral om daarin af te dalen. Wel een heel mooi gezicht zo als je om je heen kijkt.

We maakten samen maar eens van de gelegenheid gebruik uitgebreid te ontbijten in Kaltern. Het team tevreden houden.

En zo werd het zo’n dag:

Maar waarom typ ik dit op zo’n absurd tijdstip? Het WK wielrennen is vandaag gestart in Australië. Kon de vrouwen niet ongezien laten rijden en ben nu klaar voor de heren elite.

Vanaf de bank onder een dekbedje

Iets van verslaving of zo.

“Ist dies der TGV nach Verona?“

Weer apps. Je moet er van houden, maar ze niet altijd vertrouwen. vooral ook zorgen dat je er verschillende hebt. Het kon vrijdag regenen of de zon kon schijnen. Hing er vanaf welke je het meest vertrouwde. Bleek het toch “s ochtends droog te zijn met een zonnetje.

Daarom vroeg op het terras ontbeten en klaargemaakt voor een rit. Doel: drie uur in totaal.

Ik had er best zin in, na een dag stilgezeten te hebben. Zo snel gaat dat dus.

Wandelend over het grindpad

Dus zo worstelde ik me nog een keer de eerste klimmende meters naar boven om daarna weer op het fietspad aan te sturen. Vandaag een rit naar Bolzano en een stukje verder de Brenner op, tot dat ik mijn tijd had opgebruikt.

Benen waren niet slecht, ook al wilde het koppie niet helemaal meewerken. Tijd om eens wat gedachten op een rij te gaan zetten en weer eens iets te plannen of losbandigers, binnen de marges van het normale (wat dat dan ook weer moge zijn), te doen.

Dat ik hier graag fiets schrijf ik vaker. Dat het zelfs leuk is op dit pad vast en zeker ook. Eerst het meer open deel naar Bolzano, dan daar door de parken en daarna door het meer nauwere dal tussen de bergwanden en her en der een dorpje.

Bolzano / Bozen met de blik op de Dolomieten op de achtergrond

Waar het dal smaller wordt komen ook een serie verlichte tunneltjes op de weg. Prima te doen. Wel fris zo in deze tijd.

Eerste tunnel alleen voor fietsers. Er naast de Strada Provinciale en helemaal links de A22, Brennerautobahn

Langzaam kruipt de weg omhoog. Dat merk je doordat het trappen inspanning kost en de snelheid niet al te hoog wordt ondanks de inspanning.

Op deze weg ben je nooit alleen. Zie het als de doorgaande weg naar het noorden en andersom zuiden. Dus veel fietstoerisme met hippe bikepackers, maar ook trainende wielrenners en wandelaars en de local die op weg is.

De rijd tikte door en het was al weer tijd om te keren. Iets in me wilde verder, maar dat was niet voor vandaag. Sterk zijn. Dat kan soms ook betekenen om juist te keren.

Ik zat inmiddels 17 kilometer voorbij Bolzano. Prima. Nu ging het vlotter. Meer bergaf en stukjes gunstige wind, ook al merk je dat deze wel eens botst tegen de bergwanden en dat de weg niet rechtdoor loopt. Maar niet getreurd. Trappen maar met een zonnetje er bij.

Bolzano voorbij. Waterpunt. Fietsers inhalen. Wielrenners inhalen. Ik zet toch maar een paar inspanningen op het menu. Voel me aero. Ik haal iemand in die blijft plakken. Assos pakje aan.

Als ik een heel stuk verder omkijk is hij er nog bij. Ik blijf doorrijden. Zo komen we dichter en dichter bij Tramin. Op het punt waar we en paar bochten moeten nemen en ik het fietspad neem en hij een stukje weg, komen we kort naast elkaar te rijden. Hij vraagt: “ist das der TGV nach Verona?” Wenn Du den loc bist fahre Ich mit.

Het dacht dat ik minimaal 200 tot 220 Watt gemiddeld aan het trappen was. Ik zei dat het wel een stukje minder was, maar bedankte hem. Gaf een gevoel van compliment dat ik wel kon gebruiken. Hij vond het in ieder geval allemaal snel genoeg gaan.

Niet heel veel later gingen onze wegen uit elkaar. Ik weer in richting Tramin. Nog een laatste blik op het kerkje bij het aankomen rijden. Een snelle foto. Klimmetje naar de M-Preis en dan door het dorp naar ons fantastische verblijf Quellenhof.

Blik op Tramin / Termeno

Nu de vraag of de fiets de auto in zou gaan of op zaterdag nog een keer de Mendelpass op zou klimmen.

De fietsplek. Centraal punt in de kamer…