Tijd om weer een andere kant op te fietsen. Niet afslaan bij Bolzano, maar verder langs de A22 richting de bergen. Ook al gaat het met niet al te hoge percentages dit is langzaam maar zeker klimmen.
Achter lichtje aanzetten
Maar voor dat het zo ver was, moest ik daar eerst nog komen. Minder makkelijk dan anders omdat ze nu met het eerste deel van het fietspad in de weer zijn n het hebben afgesloten. Ik gok dat ze aan het maaien zijn en dat het te lastig is om dan nog fietsers voorbij te laten gaan, zo druk als het hier kan zijn op het pad.
Bij Bolzano is het nu rechtdoor. Langs de parken. De plek voor lokaal Bolzano om te wandelen, sporten, elkaar te ontmoeten of via het fietspad naar het werk te gaan. Ik zie wat op tegen de kruising die de laatste tijd was afgezet. Moeilijk oversteken. Maar het bleek dat het moeilijke van eerder voor het makkelijke van nu was. Er is een tunneltje gekomen en je kunt nu. Onder wachten verder. Verwennerij voor de fietsers en het ontlast ook nog eens voor de auto’s. Kan niet beter.
Richting de bergen ziet het er somber uit. De toppen zijn in grauwe wolken gehuld. Op de hoogste toppen ligt sneeuw.
Zo ver en zo hoog ga ik niet, dus er is weinig te vrezen.
Het gaat lekker. De benen voelen goed. Ik trap lekker door. Slinger door het eerste plaatsje, moet een stukje van het fietspad af omdat ze er aan het werken zijn, maar wordt er niet veel later al weer opgeleid. Kan verder. Door de tunneltjes van de oude spoorbaan. Stijgende meters. Langs het kolkende water van de rivier en vaak hoog boven mij de A22.
Na 2 uur fietsen keer ik om.
Nu komt de vlotte gang terug. De stijgende meters zijn nu dalend en het wordt een heel stuk makkelijker om tempo te maken. Sommige stukken zoef ik naar beneden.
Aan de rivier is te zien dat het niet te best geweest is in de bergen. Grote stukken hout drijven mee. Het water ziet grauw en gaat flink te keer.
Ik weet niet de mooiste plekjes te fotograferen
Dee omleiding bij het afgesloten fietspad is nu wat lastiger, maar ik weet de weg te vinden. Bij Bolzano vallen een paar druppels, maar niet veel later zijn het weer alleen mijn zweetdruppels die er vallen.
Hoe dichter ik bij Tramin kom hoe zonniger het wordt. Stralend weer daar.
Het ontvangstcomité wacht me op, op een andere plek. Hijgend en puffend ben ik net weer naar boven gereden.
Blij dat ik er weer ben. Ook wel fijn dat terwijl E het laatste stukje terug wandelt ik iets sneller ben en al even op het bankje kan uitrusten.
Op Strava zullen er een paar mensen een wegtrekker krijgen. Het waren 99 kilometer vandaag. Niet de moeite genomen om nog de laatste kilometer te rijden om de 100 vol te maken.
In de regio waar tenminste 300 dagen de zon schijnt kan het ook met bakken uit de lucht komen. Zo erg zelfs dat ontbijten in de tuin niet tot de mogelijkheden behoort. Een schok voor de vakantievierders, maar goed voor de druiven en de appels die hier moeten groeien.
We gingen als alternatief zonder fiets naar Trento. Maar Trento is voor mij zeker niet fietsloos in gedachten.
Niet alleen fiets ik er wel eens naar toe als keerpunt of zelfs door op weg naar Torbole, ik heb er een aantal bijzondere fietsherinneringen.
Zo mocht ik er een keer starten bij een Melodianum rit met oud renners. De tijdrit van Trento naar Rovereto. De pijnbank voor Dumoulin. Voor mij een prachtige ervaring.
Een paar jaar later was er het Europees Kampioenschap. Kijken bij de dames tijdrit. Op de fiets naar de mannen tijdrit en 10 meter in het wiel gereden van Kühn en een babbeltje met een Belgische renner. Op de fiets naar de start van het EK mannen elite. Wat een dagen waren dat.
Maar ook als er geen wielrenners rondrijden is het er prima toeven.
Blijkt trouwens dat zelfs als de dag nat begint hij hier prima zonnig en warm kan eindigen.
Na de hitte rit van gisteren, waarbij ik een jasje uit had gedaan, dacht E dat ik vandaag aan me voorbij zou laten gaan. Maar iets zei me dat ik maar beter kon gaan rijden, omdat de weersverwachtingen het beste als onbestendig omschreven konden worden. In de nacht was het al kletsnat geweest en alleen een paar bikkels kozen er voor om in de tuin te ontbijten.
Laaghangende bewolking
Ik koos in mijn hoofd voor de eenvoud. Fietsen. Fietspad naar Bolzano en dan af naar Meran. Het minst gevoelig voor als het toch zou gaan regenen. Verder besloot ik om na 1,5 uur om te keren.
Op het fietspad is het opvallend rustig. Paar verdwaalde mensen die zich moeten verplaatsen op weg naar hun volgende vakantiebestemming. Nog een paar kleine groepjes wielrenners er tussen. Ik had gedacht dat heel Italië op 2 Juni, de dag dat het ontstaan van de republiek wordt gevierd op pad zou zijn, maar niets bleek minder waar.
Het druppelt. Als je altijd zo’n gewend bent ga je natuurlijk niet als het druppelt naar buiten.
Ik rijd m’n tempo. Niet te veel inspanning. In de zone. Ik wordt bijgehaald door twee fietsers. Één die er uit ziet alsof hij zelf de Dolomieten plat kan walsen. Aan zijn wiel een iets mindere God met een wapperend regenjack los hangend.
Ik kruip in zijn wiel. Snap niet dat als je wat minder bent dat je dan niet probeert om met kleine zaken het verschil op te lossen. Geen wapperende open hangende jacks en lager gaan zitten om meer uit de wind te rijden. Maar ik vind het wel prima. Kan eenvoudig mee glijden.
De man op kop wijkt uit om zijn neus te snuiten. Hij ziet mij zitten. Gaat terug naar de kop en begint zijn best te doen. Het tempo gaat een aantal kilometers de lucht in. In het wiel, op het vrij brede, stille met goed asfalt bedekte fietspad is het prima toeven. Zo glijd ik nog een paar minuten mee.
We worden bijgehaald door een ander groepje. Ze vliegen ons voorbij en roepen iets voor mij onverstaanbaars naar de man op kop. Er ontstaat meteen een gat tussen de groepjes. Ik twijfel. Ik moet nog ongeveer 2,5 minuten. Blijven zitten of het gat dichtrijden.
Ik kies voor het tweede. Kies daarbij ook voor het niet bij schakelen. Beentempo moet het doen. Ik trap en ik trap en kom dichter. Mijn benen tollen in het rond. Dichter en dichter. Als ik bij het achterwiel ben is mijn tijd voorbij en laat ik lopen. Niemand in mijn wiel en ik keer om. na een tijdje kom ik mijn makkers van eerder tegen. Handjes op het stuur en babbelen. Het was dus echt alleen om stoer te doen. De Dolomieten worden nog niet platgewalst.
Nieuw aangeplante druivenranken
Terug. We gaan door de 2 uur heen en de eerste signalen van vermoeidheid dienen zich aan. Het zit niet alleen in mijn hoofd, maar mijn conditie is echt niet grandioos.
Ik heb nog redelijk geluk met de wind en op de moment dat de zon door de wolken komt piepen is het meteen echt warm. Gelukkig was ik niet Italiaans met allerlei jacks aan gaan rijden, maar was het gewoon kort – kort.
Ik ontdek een voor mij nieuw weggetje terug naar huis. Minder druk met auto’s en ook net iets minder stijl terug het dorp in. Licht rood in plaats van donkerrood op de Wahoo.
E zit al bij het cafeetje onder de bomen. We drinken samen nog een Cola. Mooie afsluiter.
Hoe erg het weer hier op een paar kilometer kan verschillen bleek ‘s middags wel. We bezochten een plaatsje en maakten nog een toertje met de auto. In de buurt van Bolzano was het gitzwart en kwam het met bakken uit de lucht zodat er stroompjes over de weg liepen. In Tramin zaten we later in de tuin ‘s avonds te eten.
De eerste dag van juni. Een nieuwe maand. We beginnen weer op nul. Strava heeft de challenges van de maand weer klaar staan. De eerst vink ik als het even kan dan ook maar het liefste meteen af. De Fondo. De 100.
Valt best wel mee. Of toch niet?
De dagen beginnen hier heel ontspannen. Ik maak me niet druk over mijn gouden regel dat ik het liefste 3 tot maximaal 2 uur voor dat ik ga fietsen gegeten heb. Ontbijten doen we op ons gemak en als het maar even kan in de tuin. Een espresso er bij en minstens iets uit de zoete hoek, zoals een plak cake, een stukje pruimenkoek of strudel. Zo kun je, je dag beginnen.
Vandaag wilde ik een heen en weer rijden naar Trento. Zelfde fietspad, alleen de andere kant op. Alle weersvoorspellers beloven een prachtige dag.
Eenvoudige route. Geen gekkigheid. Tot dat ze besluiten om het fietspad te verbouwen en de route om te leggen. Wat eenvoudig rechtdoor zou moeten zijn en begrijpelijk voor een polderman wordt slingeren tussen de wijnranken door.
Maar de A22 is de houvast en de omleidingsbordjes helpen ook.
Op de route kruis ik twee keer een wielerkoers. Er staan veel mensen druk te doen met spiegeleieren en handgebaren, maar echt helpen het verkeer dan weer tegen en dan weer door te laten doen ze niet. Ik zie gelukkig nog wel ergens een verdwaalde wielrenner rijden ook.
Het is verder weer zo’n deel waarbij ik inhaal maar niet ingehaald wordt. Ergens hoop je de hele rit op een groepje dat net iets sneller is, vooral niet veel, waarbij het dan goed toeven is in de wielen. Hier zorgde ik voor de wielen. De leukste was nog wel een creditcard rondtrekken met aero sokken aan. Wel een tas onder zijn zadel, maar er uitzien als coureur.
Keerpunt Trento met uitzicht op de bergen rondom de Bondone, waar later die dag een motor rijder niet op de weg wist te blijven en zo zijn laatste rit maakte.
Ik ging weer terug. Nog steeds vol goede moed. 45 kilometer op de teller. In de buurt van Tramin zou ik dus nog wel een blokje om moeten als ik de 100 vol wil maken.
Het wordt langzaam maar zeker warmer en warmer. Gelukkig hoef ik niet stil te staan en helpt de rijwind met wat verkoeling. Als de wind ook maar een beetje wegvalt is het voor mij eigenlijk te warm. Ik snap nu waarom de renners in de Giro met ijszakjes in hun nek rijden en bidons water over zichzelf leeggieten.
Onderweg nog een kleine Giro herinnering. De Giro kwam hier voorbij afgelopen woensdag.
Het begint wat minder te gaan. Ik wordt moe. Ik sluit een stukje aan bij een gast die omdat hij oortjes inheeft schreeuwt als hij praat. Hij irriteert me mateloos. Ik heb last van de warmte. Mijn hartslag zakt niet meer. Fietsen wordt ploeteren.
Ik laat de Italiaan een stukje voor me rijden. Geen gezelschap alsjeblieft.
Bij de afslag naar Tramin moet ik inderdaad nog verder. Ik reken uit hoeveel. Keren bij 93,5. Dan ben ik bij 97 bij de afslag en is het nog iets van 3 kilometer. Komt het precies goed.
Ik ploeter. Ik keer. Ik ben blij met de wind over de rivier die wat verkoeling geeft. Ik sla af. Ik krijg nog een vervelende klim waar wandelen vast sneller was geweest en ben in het dorp.
Het is helemaal op. Helemaal.
Maar met het laatste beetje energie stond er wel 100 op de teller. En na een verfrissende douche, een broodje en heel veel water voelde het allemaal al weer een heel stuk beter.
Wat een dag. Geen eigen fiets. Een espresso in Bolzano daar had ik veel meer zin in.
Verder is het vooral toch ook vakantie en is het weer goed te merken dat als je uit de dagelijkse routine gaat de opgestapelde vermoeienissen er uit komen. Bij mij toch zeker.
In de middag languit kijken naar de Giro. De zaterdag etappe was wat teleurstellend nadat ik eerder alle extreme ritten had gemist. Maar de Finestre moest ik zien. Gravel in een grote ronde, hoort het er bij?
Deze rit zette nog maar eens een keer de Giro op zijn kop. Twee koppige mannen die er voor kozen om niet op de counter van de ander te willen lopen en daarom “de derde hond in het kegelspel” er met de buit er vandoor te laten gaan. Waarbij het natuurlijk mee hielp dat die “derde” lid van Visma Leasabike is, op een Cervelo rijdt, goede benen had, iets goed te maken had na gisteren en zijn teamgenoot Wout van Aert nog maar eens zijn motor aanslingerde.
Ik heb Simon Yates jaren geleden in het roze zien rijden. Vlak voordat hij hem zou verliezen. Op de Finestre.
Een vraag van een vriend van ons of we nu in vliegende vaart richting Rome gingen voor de Paus en Yates. Helaas is het net te ver. Hij zou he5 doorgeven dat we niet kwamen en de felicitaties ook.
Vlak voor het slapen nog een keer “de socials” langs. Een grote schok kwam toen ik het bericht over de vrouw van Robert Gesink las. Overleden na een kort ziekbed. Ik ken haar niet, ik ken hem niet, maar zoals dat gaat met mensen die je jaren hebt gevolgd, een beetje ken je ze toch of dat denk je. Na zijn carrière was het nu voor haar. Dat was het verhaal. Maar dat was het dan dus.
Sommigen krijgen alles op hun bordje. Robert Gesink is er daar één van.
Start van de Vuelta in Utrecht. De grootste fans, zoon en echtgenote (dochter liep ook ergens rond) van Robert Gesink aan de start. Gesink zou in het Rood rijden als eer voor zijn carrière.
We zijn weer terug. De reis was lang en uitdagend. Duitsland is nog steeds met project we doen nog eens wat aan de Autobahn en haar bruggen, de weergoden vonden het net nu tijd om de natuur van water te voorzien, er waren nog wat mensen op pad en de Brenner heeft ook weer een nieuw asfalt project. Maar wat je er voor terugkrijgt is zoveel waard en de bestemming maakt nog meer goed.
Tramin annder Weinstrasse. Waar de witte wijndrinkster haar hart kan ophalen en de fietser eenvoudig zijn hart sneller kan laten kloppen.
Zo wil ik iedere dag wel starten
De afgelopen weken was het hier qua weer niet zo zoals het nu is. Stralende zon en hoge temperaturen. Dat is ook wel weer even wennen. Zeker als je er dan op uit gaat op fiets of in wandelschoenen. Het ondershirt kon thuisgelaten worden en een extra laag zonnebrand gesmeerd.
Mijn doel is deze periode vooral herhaling en opbouw. Niet één dag gek en dan de rest van de week niet meer kunnen trappen. Het risico daartoe is groot hier. Een dag klimmen en dan niet meer op je benen kunnen staan doe ik hier makkelijk. Dus was de keuze voor vandaag om richting Meran te rijden.
Over het fietspad dat door velen wordt gebruikt. Fietsers van alle soorten en maten. Van de eenlingen tot de groepen. Van de toerders tot de tijdrijders. Van de buiscommandeurs tot de glimmende Pinarello’s. Van de renners die ooit eens groot waren in hun tijd, tot afgetrainde coureurs.
Zo trapte ik op been tempo richting Meran. Vooral niet duwen maar draaien had ik me voorgenomen. Stiekem hopend op een groepje. Maar uiteindelijk werd ik de op kop rijder voor een stel anderen, die me wel bedankten op mijn keerpunt.
Vlak bij Meran zit een fietsenwinkel aan het fietspad. Flarer. Het mekka voor iedereen waarbij het hart sneller gaat kloppen als ze Italiaanse fietsen merken zien. Ik ken zo iemand. Een beer van een vent, maar ergens in hem schuilt een Italiaantje die druk gesticulerend door het leven gaat. Die zou hier niet weg te slaan zijn. In de Etalage staan Willies, De Rosa’s, Pinarello’s en Colnago’s alsof het niets is. De nieuwste modellen. De V5rs en F12 in het wit sprongen er toch wel uit voor me. Niet voor niets rijden Del Torro en Bernal op deze modellen rond.
Zelfs met de schoentjes van PoggiMet blauwe metallic letters een pracht
Jammer genoeg spiegelen de ramen enorm. Je moet zelf gaan om het te zien.
De weg terug werd nog best zwaar. Kilometers, temperatuur en tegenwind. Vooral het laatste was jammer.
De eerste rit zit er op. Goed asfalt onder de wielen maakt het nog net dat beetje leuker rijden hier. Morgen weer? We zullen zien.
Dit was me het fiets weekend wel weer. Nog niet in Italië maar weersomstandigheden die je aan Italië doen denken.
Vrijdag
Een afspraak op de Ketelbrug. Dat kan niet anders dan op weg zijn naar R&LL. De belofte was gedaan dat R op de elektrische fiets zou komen en ik zou het tweede deel rustig met 25 km/u kon uitbollen. De door Join geplande weerstand inspanningen daarom in het eerste deel gepland. Blokken van 5 minuten volle bak. Normaal op het vlakke lastig om te doen maar met de harde wind die er stond was er weerstand genoeg. Zo ploeterde ik me naar de brug en kwam ik R vlak er na tegen. Op zijn Pinarello. Dus niets “piano, piano”, maar hele delen volle bak. Ploeteren tegen de wind in.
En wie R op de fiets kent weet: standje rustig is ver te zoeken.
De rest van de middag waren we in Italiaanse sferen. Ook de verzorging kun je hun wel laten verzorgen.
Genieten.
Zaterdag
Zaterdag op herhaling. Paar kracht blokken. De wind zou minder hard zijn, maar dat klopte helemaal niet. Daarbij kwam hij uit een lastige hoek. Ik zocht nog maar een keer de brug op. Zag dat er weer aan een weg gewerkt wordt, maar gelukkig werken de stratenmakers niet op zaterdag en was de weg berijdbaar.
Het viel niet echt mee, maar echt tegen ook niet.
Zondag
Korte mouwen en warme korte broek. Zeker nodig aan het begin. Een training die niet het laatste beetje energie uit me moest gaan persen. Deel heel rustig en verder 4 minuten – 2 minuten duur vermogen intervallen. Vooral blijven draaien en blijven duwen. Zo min mogelijk de benen stil. Zo loopt langzaam maar zeker toch de energie uit je lichaam en worden de benen moe. Dat blijft toch het doel. Nu moe om straks beter te zijn.
Opvallend genoeg had ik een paar druppels onderweg. Ben ik helemaal niet meer gewend als ik fiets of de druppels moeten uit een sproei-installatie komen.
En de rest
De rest is Roze. Alles in het teken van de Giro. Berg op aankomst. Spektakel met aanvallers. Een mini Strade Bianche.
Over een ruime week komen ze in mijn regio bij het Gardameer. niet gek dat René vroeg of hij op moest letten of hij me aan de kant zou zien staan. Ook niet gek dat de partner waar ik voor werk vroeg of ik vergeten was vakantie te plannen.
Het is niet anders, maar bij ons thuis is alles Giro dat er slaat in deze tijd. Mijn roze Nikes staan klaar, de pasta komt op tafel, de Giro staat aan en alles dat verder roze kan zijn is dat ook.
Wat in het vat zit schijnt niet te verzuren. Benen wel als de inspanning geleverd wordt. Een rit met de fietsende teamgenoten van EY PAS was al vaker weer gepland maar dan toch weer verschoven. Nu moest het er van komen. Joost vroeg niet voor niets geregeld wat de datum ook al weer was. De datum werd uiteindelijk de 9e mei. Het deelnemers aantal leek eerst groter te worden, maar grootspraak blijkt niet alleen bij vissers voor te komen, ook bij degene die uiteindelijk niet aan het vertrek staan. Maar wie er was zorgde voor een mooie groep.
Vertrek vanaf Van der Valk in Harderwijk. Mooie uitvalsbasis voor een ronde over de Noord Veluwe. Op Strava routes uitgestippeld van een goede 80 of een krappe 100. De keuze kon ter plekke nog gemaakt worden. Aan het vertrek: Joost, Jelle en Jaap, de lycra 3 J’s van PAS, Muk, de Inspiratie Pedaleuze Du (IPD) charme, de uit rust teruggekeerde Kameel uit Scheveningen Robert en Der Nino aus Brabant Dirk Jan, die als Nino Schürter over de MTB parcoursen denderde en ik kon natuurlijk niet ontbreken.
De ronde voerde over typische Veluwse wegen en weggetjes. Door bossen en over heide vlakten. Eerst in richting Noorden. De kant van Epe op. Ik kom daar graag, maar verbaasde me over de alternatieve wegen die er blijkbaar ook nog liggen.
Een mooi gezelschap zo. Babbelend en trappend en in de zon. De Veluwe heeft veel te bieden zo bleek maar weer.
Waar de een ieder vrij moment op de fiets probeert te zitten is de ander iets minder zadelvast of net ontdaan van een stukje meniscus. Maar het hele gezelschap weerde zich kranig en gaf geen krimp. Alsof het de normaalste zaak van de wereld is om op vrijdagmiddag niet op een bureaustoel te zitten of aan de vrijdagmiddagborrel tafel te hangen, maar op een fietszadel.
Gelukkig biedt de Veluwe meer dan vuil oplopende asfaltwegen en tussen de bomen doorwaaiende stevige wind die langzaam maar zeker de energie uit de benen laat lopen.
De terrassen lokken. Zeker met het zonnetje. Nog veel meer als je ruim 50 kilometer in de benen hebt. We laven ons aan koffie, cola, appeltaart en pannenkoeken.
Gesterkt voor het tweede deel, sommigen iets te veel gevuld, gingen we weer op pad. Nog een stukje heuvelzone voor de boeg.
Ik had de groep eerder al verteld goed naar de bosranden te kijken, omdat daar wilde zwijnen kunnen lopen. Het werd vriendelijk geaccepteerd als één van mijn ongeloofwaardige verhalen. Midden op de dag zeker.
Dus wat zagen we toen we Apeldoorn achter ons lieten.
Een gezellige familie zwijnen, die gelukkig niet de aanval inzette ter verdediging, maar rustig het bos introkken.
Benieuwd of nu alles geloofd gaat worden wat ik uitkraam.
De beloofde stijgende meters bracht de renner in de één en de lijder in de ander naar boven. Maar fietsen kent iets moois. Je kunt het prima op beste eigen kunnen doen en daarna weer bij elkaar aansluiten. Zo reden we richting Radio Kootwijk. Kenmerkend punt in het landschap.
Voor een aantal van ons was hiermee de maximale afstand van 2025 al lang overschreden. De echte kwaliteiten komen naar boven, waarbij het stemmetje “ik kan niet meer” wordt overschreeuwd door “ik wil nog meer”, waarbij willen soms moeten is.
De weg glooit verder. Dalen we nou meer of is het klimmen of doen de klimmeters eenvoudigweg meer pijn.
We houden elkaar goed in het oog.
Ondertussen heeft mijn fiets al een 40 tal kilometers een vervelende bobbel. Ik denk dat er iets op mijn band zit. Kauwgom? Steentje? Irritant dat is het. Ik stop een paar keer om te kijken. Veeg mijn band al rijdend af. Niets helpt. Geen idee wat het is.
De tijdelijke stal komt dichterbij en wordt geroken. Er wordt nog een aantal keren aangezet. Hardop worden de kilometers afgeteld. 95. 96. 97. 98. We zijn er! Maar nee wordt er geroepen. We gaan nu toch niet stoppen. Dit zou de hele middag verpesten. Stoppen bij 98 terwijl de 100 aangeraakt kan worden.
We hijsen ons met het hele gezelschap nog een keer de fietsbrug over en rijden richting Harderwijk op en neer, totdat we uitgerekend hebben dat als we omdraaien bij een rotonde de 100 gaan halen.
Het is gelukt. Iedereen tevreden. Iedereen voldaan.
De files worden geüpload op Strava, anders is het niet gebeurt, de eerste stoere verhalen worden verteld terwijl de bitterballen worden aangevoerd. Aan die tafel zit ook een tevreden Dirk Jan. Eerste route gereden. Op zaterdag volgt route twee. Niemand doet dat beter dan Dirk Jan.
Aan de zelfde tafel worden ook de plannen voor volgend jaar al weer gesmeed. Of zelfs eerst nog voor een rondje Markermeer om een punt van het wensenlijstje van Jelle af te vinken.
Topdag was het met dit gezelschap. Zoals altijd hadden de thuisblijvers ongelijk. Enorm respect voor Muk die vond dat ze omdat ze alles had geregeld om mee te fietsen ook “gewoon” mee moest fietsen. Dito voor Jelle die twee weken geleden nog net aan 6 kilometer kon fietsen. Jaap zag er wat tegen op, maar weet nu dat zijn Giro tocht komende zondag een lachtertje gaat worden, omdat gezelschap de kilometers halveert. Robert is in zijn na PAS jaren geen steek veranderd. Niet alleen komt de bidon even vol terug als dt hij vanaf de start wordt meegenomen, trappen zijn benen nog even krachtig de enorme verzetten rond, maar is hij nog even goed gezelschap. Dirk Jan op zijn mountainbike zijn eigen weg gaat en laat zien hoeveel plezier de fiets brengt, niet alleen op het zadel maar ook er na. Joost die er voor zorgt dat er weer fietsleven in de PAS groep zit, subtiele vragen zorgden voor groot effect, ook in zijn agenda plaats maakt en bij iedere trap laat zien hoe hij er van geniet op de fiets.
Thuis aangekomen ontdekte ik het echte probleem van mijn band.
De zwarte looplaag en het karkas van de band hebben losgelaten. De liefde voor de Vittoria’s is meteen bekoeld. Op de zaterdag dat ik dit typ dan ook niet meteen de volgende fietsrit, maar eerst maar eens op bandenjacht.
Een verslag van hoe ik de Omloop van Midden Nederland op 3 mei 2025 heb ervaren. Alles op persoonlijke titel, dus misschien hebben anderen wel een heel andere dag gehad.
De week voor 3 mei
Zoals het gaat met dit soort afspraken, ze komen niet van mij. Ik ken de toerkalender niet en ben ook niet zo’n afspreken. Maar in de Appgroep die Fietsers heet en bestaat uit iemand die rondtrekt in zijn camper, een ander die alleen Zwift onveilig maakt, de volgende die zijn heupgewricht vaker wisselt dan zijn koersbroek en ons in de appgroep voorziet van de meest angstaanjagende foto’s van littekens, de volgende die op volgens eigen zeggen op zijn barrel rondrijdt en de laatste die vaak starttijden kent als ik al weer op de bank hang, kwam de uitnodiging van Ron H. Ik rijd de Omloop van Midden Nederland en wie mee wil mag aansluiten. Robbert reageerde meteen dat hij er bij was en bij mij kwam de twijfel. Een rit van 194 kilometer. Ron dan ook nog vertrekken vanuit huis om ver boven de 200 uit te komen.
Twijfel. Sudderen.
Een gesprek met E en zij zei eenvoudig: dat kun je toch wel. Gewoon doen. Trappen. Eten. Drinken. Er van genieten dat het kan.
Wat kun je dan anders doen dan ook “ja” te zeggen en je in te schrijven.
De Omloop is een voordelige rit, alleen met GPS te volgen en niet echt verzorgd. Er zijn stops, maar daar is niet echt een ruime verzorging. Daar staat bij mij de Meewindkoers echt boven aan.
De voorbereiding
De angst sloeg wat toe. In het weekend in aanloop had ik me te goed gedaan aan alles dat de Duitse keuken te bieden heeft en de fiets laten staan. Dat verbetert je conditie niet, maar verhoogd het soortelijk gewicht van de fietser des te beter. Van de donderdag daarom een thuiswerkdag gemaakt en voor dat een normalere werkdag begint eerst een ronde gereden rondom de Luchthaven. Op vrijdag gevolgd met een uur om de benen los te rijden. Waar de een er juist voor kiest om van de fiets af te blijven, moet ik vooral niet in rustmodes komen en bewegen heb ik geleerd.
Verder gebruikte ik de vrijdag voor het wassen van mijn fiets, druppeltjes wax op de ketting te doen, alles dat opgeladen kon en moest worden, dat is nogal wat in deze tijd (hartslag meter, derailleur accu’s, Wahoo, achterlicht, Shokz koptelefoon mocht ik alleen komen te zitten of ondersteuning nodig hebben), aan de lader te hangen.
Belangrijk ook om het eten neer te leggen. Mijn Wahoo geeft me iedere 20 minuten een herinnering om te drinken en iedere 35 om te eten. Heb ik zo ingesteld. Doen moet je het nogal altijd zelf. Met deze 35 minuten in gedachten begon ik te rekenen. Hoeveel eet momenten worden dat. Ik koos voor 16. Een absurde hoeveelheid reepjes en gelletjes. De meest met 40 gram koolhydraten en in mijn eerste twee bidons deed ik het zelfde. Eten zorgt bij mij voor volhouden. Probleem is eerder om het te blijven doen ook als je geen trek hebt en vooral om vanaf het eerste moment te beginnen.
De dag van de rit
Na de wekker
De wekker gaat vroeg. Kan ik me rustig voorbereiden en het eten al wat zakken. Ik eet een wafel en een boterham en drink een paar extra glazen water.
Wat trek ik aan? Kort? Lang? Armstukken? Vestje? Ik besluit er voor te gaan om me te beperken tot korte broek, onder shirt, shirt en aero sokken. Fris aan het begin, maar het zal wel goed komen. Na overleg kies ik voor het meest Giro roze shirt dat ik heb. E is al helemaal in de Giro modes die op 9 mei van start gaat. Roze begint de boventoon te voeren bij ons thuis.
Op het laatste moment bedenk ik me dat een extra achterzak met al dat eten handig is en pak ik mijn mapje om naar een zadeltasje. Verstandige keuze. Moet me hierdoor wel een beetje haasten richting de brug bij Ron H. Heb namelijk ook besloten om voor de fiets te gaan. Gaan het niet steek ik af. Gaat het helemaal niet schakel ik de reddingstroepen in. Goede afspraak.
Van Almere naar Huizen
Ron H is een machine, zonder standje kalmpjes aan. De eerste zweetdruppels vallen bij mij al flink tijdens de eerste kilometers. Door mijn hoofd gaat de vraag of dit haalbaar is voor de hele afstand. We zullen zien. Ik kies nu al af en toe voor de rug van Ron. Eerste deel binnenblad. Ik wil draaien en nog niet duwen.
Van Huizen naar Woerden
De Omloop is een kleine tocht. De kans iemand tegen te komen is klein. Maar wij komen toch mensen tegen en vormen een groep. Ik bekijk het vanuit de achtergrond. De snelheid zit er goed in. Wind staat gunstig, ook al staat er niet veel. We rijden Erik voorbij. De man van het vaste tempo. We rijden wat fout. Ik vertrouw op Ron H en niet op mijn Wahoo. Durf het niet aan om de GPS al aan te zetten omdat mijn computer dan niet de hele afstand redt. Wil niet dat ik op Strava de 200 kilometer niet zie staan.
In Woerden een stop. Ik zie 76 kilometer op mijn teller. Sanitaire stop en bidon bijvullen.
Tijd om verder te gaan.
Van polder naar klimmen op naar Amerongen
Het eerste stuk lukt het ons niet goed om de route te vinden. Overleg. Toch besluiten om ook mijn GPS aan te zetten voor de route planning. Twee zien meer dan één. Twee eigenwijzen rijden dan nog steeds geregeld fout.
Haarzuilen
Het tempo blijft er in Ron en Robbert vermaken zich. Ik ben braaf en bemoei me nergens mee. Houd me strikt aan mijn eten en drinken schema. We gaan door de 100. Halen iemand in, in een Peugeot shirt. We maken slim gebruik van het leegeten van zijn bordje. De Hennie Kuiper is ook blij met ons. Maar hij rijdt korter en kan ons niet verleiden om fout te rijden. In de buurt van Lage Vuursche gaan we verder. Op zoek naar de bergzone. We rijden de route tegengesteld van eerdere jaren. Het venijn zit hem dit keer zeker in de staart.
In de buurt van Zeist gaat het helemaal mis. Route kwijt. Alternatief volgen. Ziet er niet beter uit. Zoeken. Draaien. Keren. Weer zoeken. Maar met een stel padvinders en een routeplanner komen we er uit en laten we Zeist en de grote Huizen achter ons en rijden we de Emma Pyramide op. De eerste kuitenbijter. Gaat best goed. Eerste punt waar ik tegenop zat ligt achter ons. Door, door, door.
Volgende punt. Daar vind ik afrijden al lastig. Door het een of ander ben ik alleen en vind dat prima. Kan ik mijn eigen tempo rijden en wordt me niet het moordende tempo van de anderen opgelegd.
Ook hier kom ik wonderwel nog best aardig boven. Ik kweek vertrouwen.
Daar zijn ze weer
De lucht is inmiddels strak blauw. We treffen het.
We slingeren verder. Door velden en bossen. Veel vals plat en voor dat ik het weet hijsen we ons de Amerongseberg over. Het hoogste punt van de Utrechtse Heuvelrug lees ik later. We weren ons alledrie kranig. Zoals afgesproken gingen we iets van de route af voor de favoriete fietserspleisterplaats De Proloog.
Puck Pieterse memorabilia
Tijd om even te zitten en te genieten van een cola en een koek. Van het zadel afgaan is wel zo fijn.
Maar we kunnen niet blijven zitten. Ook al stopt er zelfs een Visma prof.
Van de Proloog naar Leusden
De wind trekt aan en de kilometers beginnen langzaam maar zeker door te wegen. Dan liggen er ook nog een paar klimmende meter in het parcours. Ik kan me niet blijven verstoppen en kom nu toch af en toe op kop. Met de nadruk op af en toe.
Het vlot nog steeds goed bij ons. We komen ook weer op bekender terrein.
Nog een keer water tanken. Op voor de laatste 35 kilometer naar Huizen.
Van Leusden naar Huizen
Nog wat stevige kilometers. We kennen ze. Langs luchthaven Soesterberg. Gemeen en slopend. Aan de andere kant nog een extra klim waar ik liever ruim omheen was gereden. Die doet geen plezier.maar we moeten er over.
Ron neemt Lage Vuursche voor zijn rekening. Het animo voor gekkigheid ontbreekt.
Nu rijden we echt op wegen waar we heel veel kilometers hebben liggen. De weg langs de A1 zuigt en houdt tegen. Wat loopt die weg toch slecht. Maar het is nu niet ver meer. We zijn bijna terug bij ons begin punt. Kunnen we mooi nog even samenzitten en ervaringen delen.
Maar wat wil. Het hek was al dicht. Terwijl we nog helemaal niet laat terug waren. Wat slecht georganiseerd.
Zijn we weer
Maar het is wat het is en we moeten nog een stukje. Robbert richting Hollandse en wij richting de Stichtse brug. Heb geeneens tijd om Robbert gedag te zeggen, omdat ik dacht dat zijn route anders zou lopen.
Van Huizen naar Almere
Het laatste stuk. Ik kies expres geen verkleinwoord. Het is zwaar. De brug over en dan vechtend tegen de zo hard blazende wind die helemaal in ons nadeel staat. Waar hebben we dat aan verdiend. De laatste kilometers zijn echt nog knokken om thuis te komen. We doen ons best en gelukkig weten we ook nog wat beschutting te vinden.
Na zoveel uren is de lol er ook wel een klein beetje af.
Op de brug waar we gestart zijn nemen we afscheid. Wat een dag.
Afsluiten
De dag eindigt met het afdrukken van mijn Wahoo. Hij heeft wat moeite met uploaden. Ron en Robbert staan al genoteerd. Ik volg later. Wat ik dacht is bewaarheid.
Zo lang en veel kilomgers heb ik nog nooit gefietst. Een afstand van 252 kilometer Zo lang ga ik denk ik niet heel snel weer fietsen.
Thuis hijg ik wat uit, kom ik bij, zit ik op een high, douch ik en doe me tegoed aan een Pizza van de buurman en een stapel tosti’s.
Spoel het voor mijn doen wild weg met een 0.0 Peroni. Ik heb opvallend genoeg best trek en heel veel behoefte aan zout.
Gedachten over de dag
Ik ben enorm onder de indruk van de prestaties van Ron en Robbert. Wat reden ze sterk de hele dag. Grote motoren. Durven het aan. Durven een versnelling te trappen.
Niet zo tevreden over de organisatie. Maar het weer, het gezelschap en de uitdaging in de route maken veel goed.
Verder tevreden over mezelf. Meer dan 5 uur fietsen is bij mij normaal gesproken echt niet leuk meer. Dan begint de verveling toe te slaan en is het tijd om iets anders te doen. Dit keer was het anders. Het leek bijna of het geheel in een soort van waas voorbij trok, waarbij ik niet echt besef van de tijd had. Misschien een vorm van runnershigh. Mijn voorzichtige aanpak was verstandig voor me. net als het strakke eet- en drinkschema. Werkte prima. Hierdoor kon de man met de hamer in de hoek gezet worden. Met dank aan Ron en Robbert.
De avond
In de avond merkte ik dat mijn maag nog een klein gevecht uitvoerde met alle zoetigheid en misschien ook wel de combinatie met al het extra eten er na. De rust vinden was nog even lastig. Gaf mijn Apple Watch de volgende ochtend ook aan. Iets verhoogde waardes. Wat wil je.
De dag er na
De voldoening is er nog steeds. Lichaam voelt zich best goed allen wat moe. Benen opvallend goed. Zitvlak blij met minder zadeltijd. Een beetje zadeltijd ga ik mezelf wel, een 30-tal minuten heel rustig in Zwift. Afscheid nemen van de afvalstoffen. Heel veel meer hoeft van mij niet en Join vindt ook dat ik er helemaal niet klaar voor ben en aan het over trainen. Kan ik me mooi focussen op de wielerkoersen die vandaag vast op TV zijn.
Een stad die zich voorbereid op 1 mei en dan vooral op hun wielerkoers die ooit Rund um den Henningerturm, daarna Rund um den Finanzplatz en nu volgens mij niet meer dan Frankfurt Eschborn is geworden.
Bezoeken een fietsenwinkel die helaas een heel stuk leger was dan gehoopt en waar ik niets leuks kon vinden.
Slapen in een hotel waar ooit de Once ploeg nog heeft geslapen tijdens een Ronde van Duitsland. met Azevedo en de broertjes (?) Beloki. Ik kijk om me heen in de kamer en zie genoeg plekken voor het ophangen van bloedzakken.
Het hotel heeft nog de uitstraling van toen, schrijven we voorzichtig.