Blog

We zijn er weer, maar toch anders

Twijfel. We hebben vakantie, maar wordt het Hintergarten, Balkonia of een andere bestemming. Dit voorjaar waren we nogal reislustig en daarom was de vraag of we er dit najaar nog wel zin in hadden. Zin hebben of zin maken.

Op en werkdag kwam ik na weer de nodige uren op de Zuidas thuis en wist ik het zeker. We moesten gaan. Drie weken thuis zou aanvoelen als een heel erg lang weekend en dan was het nodige herstel er vast niet. Verandering van spijs doet eten en verandering van plaats doet leven.

Maar waar naartoe. Ik had wat gezocht, maar kwam eigenlijk niet verder dan wat ik ken. Gelukkig is er reisorganisator E. Een kleine presentatie ontving ik van een serie slaapgelegenheden. Tegen één er van kon ik geen nee zeggen. Een modern appartement in hartje Arco. Op de foto’s fantastisch. De hoop was in het echt ook. Ik had het zelf ook voorbij zien komen, maar aan de kant geschoven.

We hadden dus niet alleen vakantie, maar gingen ook. In stappen. Van Böttigheim met familie bezoek, naar Vipiteno of Sterzing zoals de liefhebbers van het groot Oostenrijkse rijk het nog graag noemen, waar we heerlijk aten in Nepomuk, en door naar Arco.

Daar deed het appartement zich alle eer aan. Beter dan dit wordt het volgens mij niet. Mooi ingericht, eigen garage en een balkon, laten we het terras noemen, rondom het hele appartement, waar de stappenteller enthousiast van wordt, met uitzicht op de kerk, het park en de burcht van Arco. Met een paar stappen ben je bij alles dat Arco leuk maakt en voor wie elektrisch rijdt zijn de laadpalen, snel, heel dichtbij.

Maar ik was niet gekomen om in een appartement te zitten. De lezer van dit blog ook niet. Ik wil fietsen en de lezer daar over lezen.

Op zondag was het tijd voor de eerste rit. De grote plannen, werden kleine plannen, werden flexibele plannen. In mijn hoofd fiets ik de straatstenen uit de straat, in het ware leven is dat andere koek.

Ik besluit eerst maar eens richting het Lago Di Cavedine te gaan en dan wel verder te zien. Ik wil te graag en houd me dan niet in tot wat ik kan. Maar na het meer, wilde ik wel meer. Stuk naar boven. Met beleid. Bocht na bocht. Tot aan het fietspad en toen verder.

Ik zag en vond dat het goed was. Maar het kon nog beter. Naar de voet van de Ballino en daar naar boven. Op mijn gemak.

In één keer naar boven en daarna naar beneden.

Dat laatste was niet echt om aan te horen. Mijn voorrem maakte een enorm schreeuwend geluid bij iedere lichte remactie. De reden is, hoop ik, het begin van de rit. Bij het wegrijden liep mijn rem heel erg aan. Ik sleutelen. Ik doen. Uiteindelijk de blokken uit elkaar geduwd. het aanlopen verholpen, maar het gillen en piepen of schreeuwen van de rem ontstaan. Ik denk dat de blokken niet goed, meer, zijn en vervangen moeten worden.

Zo kwam ik in het dal en fietste over wat toch wel één van de minst prettige fietspaden op de route genoemd mag worden terug naar huis.

Rit één zat er op. Meer dan verwacht. Beter dan verwacht.

Fietsen blijft voor mij een stuk ook je eigen beperkingen durven erkennen en te genieten tot het moment ze zich aandienen en te proberen ze een stuk op te schuiven. De comfort zone is een zone om de grenzen van op te zoeken. Dat lukte vandaag wonderwel goed.

Toch langer

Vandaag wilde ik nog een keer iets langer fietsen. Niet de iets meer dan twee uur, maar iets meer dan drie. Er stond weer een mooie training in Join klaar. Vier keer 12 minuten tempo. De rest op duurtempo.

Weer eens in Rapha

Trainen doe ik het liefste in de polder. Fietsen kan heel goed ook er buiten. Trainen is namelijk vooral zorgen dat je de juiste inspanningen kunt rijden zonder te veel ander verkeer en zo min mogelijk stoppen.

Zo ging ik op pad. Een ronde langs de kop van de polder. Langs Elburg en Kampen tot dat ik bijna de Ketelbrug kon aantikken.

Daar ergens ligt de Ketelbrug

Het eerste blok voelde moeilijk. De andere blokken wist ik goed door te trappen. De 5 minuten rust er tussenin vlogen steeds voorbij.

Bijzondere verdeelde luchten

De lucht was bijzonder. Hoe noordelijker hoe donkerder, zo zwaar bewolkt dat er zelfs nog en drup regen uit viel.

Waar ik me weer in had vergist is de lengte van deze ronde. In kilometers en daardoor ook in uren. De ruim 3 werden er goed 4. Toch wel een stuk meer. Vraagt ook wel wat meer van de benen.

Met de kilometers steeg de temperatuur. Ik bleef daarbij maar trappen. Zelfs al ging het moeizamer en moeizamer.

Maar aan het einde was het mooi. Join wist er nog een voldoende voor te geven. De conditie was weer wat toegenomen. Op Strava de serie eigen snelste tijden toegenomen. Het vertrouwen in de wielen er nog steeds.

Toen was het eigenlijk klaar, maar moest ik nog een stuk met minder gunstige wind

De rest van de zondag kon aan Vuelta en ander gekoers worden besteed.

Oneerlijk – Roval CLXIII Sprint

Het was dit voorjaar al aangekondigd. Er kwamen nieuwe wielen aan van Roval. Roval is het onderdelen merk binnen Specialized. Ik rijd al een aantal jaren met veel plezier op Roval wielen. Wat me vooral bevalt is dat ze sterk zijn, want wat heb ik een problemen gehad met andere merken, en zoals bij de Specialized groep betaamd doordacht aerodynamisch. Kers op de taart is dat ze “hooked” zijn en dat, dat de veiligheid vergroot.

Maar de aankondiging betekende nog niet meteen dat ze ook verkrijgbaar waren. Er werd wat mee getest en gewonnen bij de profs en in de Tour de France werd er echt mee gereden. De Sprint voor de snelle ritten en de normale CLX III voor de andere ritten. Sprint 18 centimeter sneller op de laatste 250 meter dan de concurrentie en de anderen ruim 200 gram lichter. Dat wordt bereikt door Carbon spaken, andere naven en verbeterde velgen. heel bijzonder is dat ze een “reverse mullet”’hebben. Een gewone mullet, of een fokuhila, heeft een laag voorwiel en een hoog achterwiel. Maar wat ontdekten ze in de windtunnel, het meeste aerodynamische effect haal je uit je voorwiel. Dus een hoger voorwiel en een lager en lichter achterwiel.

Reverse mullet

Daarom hield ik de socials van de fietsen zaken in de gaten. Het en der druppelde wat binnen en toen zag ik ze opeens bij Kaptein Tweewielers op Instagram staan. De Sprint. De ideale wielen voor mijn rondes in de polder.

Bezoek op vrijdag en knoop meteen doorgehakt.

Wielen horen bij mijn fiets zwaktes. Ik weet ik heb er veel.

Maar deze zijn wel weer heel mooi. Glimmend. Lekker hoog, 60 mm voor en 58 achter. Hebben carbonspaken. Hebben chroom spaaknippels.

Besloot om er maar meteen Continental GP5000s om te laten leggen met Silca tubeless melk in de banden. Klein detail, er zitten aluminium ventiel dopjes bij.

Ik ben helemaal weg van het uiterlijk, maar wat is uiterlijk zonder prestaties?

Vandaag klaar voor een ronde op de fiets. Nog wat te doen dus de typische iets meer dan twee uur. Join had een aardige training met 5x 1 minuut kracht en 15 minuten tempo in een rit van 2 uur en 15 minuten die ik verder op duurtempo mocht rondrijden.

Bij het vertrek viel meteen op dat deze wielen stijf zijn. Niet hard, maar van die wielen die zorgen dat je vooruit gaat. Bij het vertrek viel nog meer op en dat viel nog meer op bij het zoeven over het asfalt in de polder. Deze wielen hoor je aankomen.

Onze polder is een triathlon trainingsmekka. Voor van die besluiteloze mensen die geen sport keuze kunnen maken en vergeten (hoge) sokken aan te trekken en soms in een zwembroek fietsen. Dat volk. Maar ze rijden wel op hele snelle tijdrit fietsen en gaan snel. Doen dat vaak met hele hoge velgen of zelfs dichte wielen. Dan hoor je ze aankomen door het geluid dat de wielen maken in de wind.

Dat doen deze Rovals dus ook.

Verder lopen ze als een zonnetje. Snijden door de wind, maar zijn er niet heel gevoelig voor.

Zo reed ik rond en genoot ik.

Deze wielen voelen als valsspelen. Dus als je Tim Mellier of Van Poppel een sprint ziet winnen, dan weet je dat ze eigenlijk 18 centimeter teruggezet moeten worden. Misschien was dat wel de echte reden dan Van Poppel vandaag werd teruggezet in de sprint en Mellier met straatlengtes voorsprong won.

Door de week

Een dag thuiswerken kun je heel goed starten met een ronde* op de fiets. Join had er zelfs een training voor klaar staan. Ik mocht 5 x 3 minuten vol gas. Dat is is best pittig na verloop van tijd.

Dus daar ging ik rond half zeven. Heel laat wilde ik de dag namelijk ook weer niet beginnen achter mijn bureau, want er zijn ook mensen blij met een reactie van mij.

Ik ben helemaal in de korte broek en korte mouwen modus dus zo reed ik vanochtend ook weg. Best fris, maar tijdens de inspanning wel zo lekker.

Dus zo begon ik de dag goed. Helaas wel de hele dag het gevoel dat het donderdag was, omdat ik wat vaker op donderdag vanuit huis werk. Maar morgen mag ik dus nog een keer naar de Zuidas. Hopelijk zonder al te veel Sail bezoekers onderweg.

*Ik heb hier bewust gekozen om het verkleinen me “-je” niet te doen. Ik word kriegel van iedereen die op Strava alles “rondje” noemt, terwijl ze enorme afstanden rijden of het voor de rijder een hele opgave is. Noem het wat het is. Een ronde, een rit, een uitdaging of een martelgang, maar doe niet net alsof het allemaal niets voorstelt.

In opdracht

Tijd voor de jaarlijkse beoordeling. Hoe wordt het bureaustoelzitten gewaardeerd. Alles crescendo. Vooral zo doorgaan. Maar ook iets anders doen. Tijd inruimen voor mij. Verplicht ergens een moment blokken.

Volgzaam als ik ben deze week meteen gedaan. Donderdagochtend zat ik op de fiets. Join had een stevige training voor me klaargezet. Stevige intervallen. Na zo’n ochtend is het prima werken. Lichamelijk vermoeid maakt de geest vrij.

Helemaal eerlijk was de donderdag niet. Ik mocht namelijk vrijdag voor een lunchmeeting weer richting de Zuidas. Daarom maar vroeg weer op de fiets, zodat die niet stil zou blijven staan. Had ik ook zo aangegeven aan de partner waar de afspraak mee gepland was. Dat moest ik beloven.

Weer een stevige training van Join. Intervallen die begonnen met een sprint dan kleine 5 minuten hard doorrijden en dan weer afspringen. Van die intervallen dat je de eerste keer denkt: is dat alles en dan bij de laatste je nog net de tijd weet vol te maken.

Zelfde punt, meer zon

Zaterdag. Een duurtraining. Twijfel over de lengte. Ik wilde nog wel wat anders doen de rest van de zaterdag. Als ontbijt de slecht gebakken pannenkoeken. Toch beter lezen voor het beste resultaat, maar wel een goede basis om te gaan rijden.

Stevige wind. Werken tegen de wind in, maar ik probeerde de te leveren inspanning in de gaten te houden. Tegen buiten fietsen gaat niet veel op.

Na de tegen wind volgde mee wind. Dan wordt fietsen nog leuker. Maar als je, je wattage in de gaten houdt gaat het niet altijd heel hard. Maar het resultaat is het doel. Tot dat ik ingehaald werd. Was niet heel erg onder de indruk van de fietser. Ik gleed mee in zijn wiel. Stuk sneller. Vond dat ik niet in het wiel kon blijven en nam over. Klein beetje spierballen laten zien. Of zijn het kuiten en dijen. Zo reed ik door. Lekker door, maar een stuk sneller dan origineel gepland. Mijn kompaan van het moment die ik eigenlijk in de luwte mee wilde laten glijden was in geen velden of wegen meer te bekennen. Was niet de bedoeling van me.

Zelfde punt zaterdag zwaar bewolkt

In de middag gingen E en ik er nog op uit. Cadeau jacht omdat mijn vader bijna jarig is. Uiteindelijk kwamen we in Weesp terecht. De fietsenwinkel was dicht. Hun pech, want je weet nooit wat er op een zaterdagmiddag in augustus kan gebeuren. Maar in de etalage stond een Colnago Y1rs. De Pogacar fiets. De eerste keer dat ik hem in levende lijve zag. E was onder de indruk.

Na drie dagen op de fiets geeft Join me vrij af. Maar het is zondag en dan heb ik tijd om te fietsen. Als het dan kan dan kan ik ook wel een ronde gaan rijden. Gewoon fietsen. Geen gekkigheid. Ook niet te lang.

Terwijl ik ‘s ochtend de trap op en neer loop merk ik dat er eerder het weekend gefietst is. Op de fiets is het heel anders. Ik trap en voel me er goed bij. Ik houd alles binnen de perken. Voel me net een fietser, beetje wielrenner zelfs. Dat krijg je als eens binnen de grenzen van je kunnen fietst.

Hier staan voor de goede kijker ooievaars. Maar misschien staan ze er ook niet als ik niet goed gefotografeerd heb

Beetje jammer was de regen die aan het einde viel, maar die kon de pret niet drukken. Net als de gemiddeld 12 graden die best fris waren, ook al kon het kort – kort rondrijden nog prima.

In de middag alle wielerkoersen afwerken, met allemaal verrassingen die op de streep beslecht werden met verrassende winnaars of andere dan gedacht.

Nu is het zondagavond en merk ik dat het goed is dat ik morgen weer op een bureaustoel zit. Maar het zadel geeft toch wel heel veel voldoening en verlangt naar meer.

Een ander kaliber

We hadden onze afspraak al twee keer verschoven in verband met mindere weersverwachtingen, maar vandaag moest ik er aan geloven. We gingen richting de Weerribben en voor mij betekende dat een ronde in die omgeving door de noordelijke provincies samen met R. Een uitdaging nu R weer tijd heeft om te oefenen en ook omdat ik natuurlijk geen idee had wat met de rit zou brengen. Ik had op Strava gezien dat er het nodige aan trainingsarbeid in de benen zat, dus dat deed al weer het ergste vrezen.

Zoals we dat gewend zijn werden goed verzorgd bij aankomst. De espresso’s zorgden voor de cafeïne kik om helemaal klaar te staan.

Daarna was er geen ontkomen meer aan en werden de schoenen ingeslikt voor vertrek. Rechtsaf. Mijn benen hadden nog niet goed of wel doorgekregen dat ze moesten fietsen of ze werden al tot snelheid aangespoord. Niets inrijden, gaan! Join mocht zich achteraf wel druk maken, ik ging volgen.

Kriskras door een omgeving die alle kanten op even mooi is, maar die voor de niet kenner ook de hele tijd lijkt op het zelfde, waardoor de verwarring groot is en ik geen idee had waar ik was of welke kant ik op ging of op zou gaan. Daarbij ook geen idee of de wind nu meer mee of tegen zou staan. Iedere bocht werd een sprint naar het achterwiel van R.

Kleine poging voor een blik van voor

We reden door velden, langs kanalen, over slingerende dijkjes, door alleraardigste plaatsjes, over glooiende wegen, door oerbossen, langs koloniën en meer landelijk Nederland. Links, rechts. Rechts, links. Of en toe een stukje langer rechtsdoor. Mijn focus was vooral op een achterwiel waarin ik de DT Swiss 180 naaf rond zag draaien.

We werden bijgehaald door een stel hardrijders. Een vrouw en een man. Mee natuurlijk. Zij sloegen af. We werden bijgehaald door een postbode op een elektrische scooter. Mee natuurlijk. Hij sloeg af.

Wij sloegen af en het werd bal. Een pad waar ik op een mountainbike van genoten had. Een pad waar ik op de racefiets graag verre van blijf. R geniet. Bocht. Aanzetten. Slingeren. Aanzetten. Grind. Aanzetten. Gat in de weg. Aanzetten. Tegemoet komende mountainbikers. Aanzetten. Einde. Aanzetten.

Bleek niet helemaal de bedoeling te zijn.

We gingen verder. Op zoek naar de juiste weg. De wereldstad, als ze deze rechten hebben, Appelscha deed ons bijna de das om. Alle wegen leiden naar Appelscha, maar niet naar wat bekend is. Draaien. Keren. Nog een keer. Maar dan zitten we goed en komen we in een gebied waar de Veluwe jaloers op is. Beetje op en neer. Beetje slingers. Mooi fietspad. Jammer dat daar de hele Stella brigade ook graag gebruik van maakt.

In het bos kijken we of we nog wel echt de goede kantoor gaan. Redelijk is het antwoord. De extra reep is noodzakelijk.

We denderen door. Hebben onderweg zelfs tijd om af en toe een paar woorden te wisselen, maar wie me kent weet dat ik niet zo praterig ben en op de fiets nog wat minder.

Na al het wieltjes zuigen kom ik ook even op kop. Had ik het maar niets gedaan. Precies in de open ruimte van mijn helm wordt een bij naar binnen gezogen die dat minder leuk vindt en met uit angst steekt. Dat doet zeer. Al rijdend helm of, bij er uit en hopen dat het mee valt. De bij is de reden dat ik dit nu typ en niet fiets. Mijn hoofd is iets te groot en gevoelig voor een helm.

Maar we mogen nog een paar kilometer.

Zelfs R dronk!

Op het moment dat ik vraag hoe ver het nog is, krijg ik te horen nog tussen de 12 en 30 kilometer. Onze landmeter van Kalenberg heeft ze afstanden fout, expres, want het zijn er nog welgeteld 3. Was ook wel mooi zo.

122,55 kilometer. Waarbij R eigenlijk lang volgens het Hennie Kuiper adagium leefde: 70 is een prima getal.

Het was voor mij duidelijk te merken dat oefening kunst baard n dat voor degene die de kunst al beheerd de virtuoos opleeft na oefening. Het was weer ouderwets gaan. Een veel sterkere prikkel dan wanneer ik alleen mijn ronde maak, zelfs als ik daarin de intervallen van Join doe. Intervallen die je door een ander worden opgelegd die sterker is laten je dieper gaan.

Mijn moment op kop

De dag sloten we verdiend af al kletsend aan tafel in de zon. Daarbij de wijze les krijgend dat airfryer producten niet in de frituur mogen, maar dat R niet alleen een coureur maar ook een patatoloog is.

Het bleef nog lang onrustig in Kalenberg en wij hadden zomaar weer een vakantiedag in eigen land.

S-works Tarmac SL8 2026 kleuren

Wat zag ik verschijnen. De nieuwe kleuren van de SL8 frames. Ze druppelen in Thailand al binnen.

De laatste heeft Dolomiti in de kleuren naam. Zou ik op moeten durven rijden als liefhebber van het noorden van Italië.

En van de Giro d’Italia.

Stilte

De volger van dit blog is in het zwarte gat gevallen. Dat alles terwijl er zoveel op de fiets gebeurde. Een mooie Tour een misschien nog wel mooiere Tour voor vrouwen. Ik zat er helemaal in. Veel naar kantoor om maar genoeg tijd in de auto te hebben om alle podcasts te volgen. ‘‘s ochtends om 5 uur eerst de avondetappe kijken. Bij ons thuis was de Antoine het gespreksonderwerp en mijn vader en moeder deden er nog een schepje bovenop.

Zelf zat ik ook een groot deel van de weekenddagen op mij S-Works om de rondes te rijden.

Als het even kon iets langer en als het niet kon iets korter. Helaas viel er ook wat uit door wat zomers gekwakkel, van allergie en zomergriep of iets dat daar op leek en het gebruikelijke te lange verblijf achter mijn bureau.

Maar niet getreurd. De fiets staat niet helemaal stil en ik ook niet. Vandaag reed ik een ronde en kwam weer eens tot de conclusie dat het niet alleen goed is voor lichaam maar zeker ook voor geest. Maakte ik er maar wat meer tijd voor vrij.

De wil is er. Ook om hier weer vaker te typen als er iets gebeurt of gebeurt is. Wel zo leuk. Om te doen dan. Of het voor de lezer zo is, is aan de lezer.

PNS Sommerwende – Longest ride en lang werd het

PAS Normal Studios komt uit Denemarken en zoals het is met de noordelijke landen, zij vinden de langste dag een bijzonder moment. Niet alleen dansend rond een boom met bloemen in hun haar, maar ook op de fiets laten ze dat zien. Jaarlijks prikkelen ze je om rond de 21e een rit van 200 kilometer, of meer mocht je de behoefte voelen, te maken. De afgelopen twee jaar heb ik daar aan mee gedaan en ook dit jaar voelde ik de behoefte. De eerste kans in het weekend viel weg, omdat ik mocht luisteren naar een ja-woord. Het zou dan ook dit weekend moeten gebeuren. De vraag was of de Italiaanse trainingsbenen gevolgd door de Portugese feestbenen het wel mogelijk zouden maken. Met training kom ik nu eenmaal het verst en niet puur op talent.

Afgelopen week kwam het bericht voorbij dat de Rapha RCC wagen bij de Ronde Hoep zou staan. Een concurrerend merk, min of meer, maar wel lekker als je tijdens een lange rit eenvoudig aan wat te drinken kunt komen. De wind ook nog eens uit westelijke richtingen, dus het was geen slechte richting om naartoe te rijden.

Daarom op vrijdag een uurtje gefietst, spulletje klaargelegd, bidons daarbij pontificaal op het aanrecht, wafels gekocht, bordje pasta gegeten en de wekker vroeg gezet. Het zou wel eens heel warm kunnen worden, dus het liefste zat ik al om 6 uur op de fiets.

De stop bij Rapha liet me kiezen voor een Rapha broek en shirt. Tijd geleden, maar zat goed. Aero shirt, want iedere watt telt als je zo lang op de fiets gaat zitten. Ik had me niet helemaal goed bedacht dat het aero shirt wat minder ademt, dus er vloeiden nog wat meer zweet druppeltjes.

Een kus van E, een zenuwachtige lach van mij. Ik ken mezelf, als ik dit uitspreek wil ik het afmaken en de vrijdag leerde dat het pijn zou gaan doen.

Met de wind op kop rijd ik naar de Romde Hoep. Wind staat er nu al. Dat beloofd wat. Ik breek de kilometers in stukjes op. Na 5 km. Dit maar 40 keer, dat valt mee. Na 10, dit maar 20 keer, dat wordt makkelijk.

Bij de Hoep is het bewolkt. Geen echte hitte. Gelukkig maar. Het is al lastig genoeg.

Bij de brug vanuit Abcoude druk ik de ronde knop in op mijn Wahoo. Kan ik uitrekenen hoeveel rondes ik wil rijden. Een ronde blijkt 16,1 kilometer te zijn. Dat worden er dus 6 of 7.

De ronde rijd ik, zoals het hoort, tegen de klok in, terwijl het eigenlijk prettiger is om hem met de klok mee te rijden. Uit veiligheid hopen ze alleen dat je hem andersom rijdt.

Ronde één, ronde twee, ik begin aan ronde drie. De eerste vermoeidheid dient zich aan. Stoppen wil ik niet. Rijden, rijden, rijden.

Ronde 4, zie ik daar de wagen staan? Ronde 5. De eerste fietsers zitten bij Rapha. Ik ga nog een ronde verder. Er vliegt een renner voorbij. Ik had gehoopt een groepje tegen te komen dat net iets sneller rijdt dan ik, maar dit kan ik voor geen meter bijhouden.

Ik vraag met af of ik hallucineer als ik een motor in de kant van de weg onder aan de dijk zie liggen met een groep fietsers er omheen die hem proberen weer omhoog te trekken. Mijn alternatief voor zwarte sneeuw.

Ik begin aan ronde 6 en weet dat ik op ongeveer 9 kilometer even af zal stappen. Dat geeft weer moed.

Ze hebben het weer perfect voor elkaar bij Rapha.

Koffie uit een Marzocco apparaat. Cola, ice tea, chips, wine gums, broodjes, water en waterijsjes. Ik drink een colaatje, eet een ijsje, vul mijn bidon, neem een paar wine gums en praat wat. Vooral blij even niet te hoeven trappen. Nu stoppen zou ik prima geweest zijn, maar de kilometers roepen.

Al mijn vrienden waren er ook

Ik moet verder. Nog een rondje Ronde Hoep kan ik niet meer opbrengen. Ik fiets terug richting het nieuwe land en zie daar dan wel hoe ik de kilometers bij elkaar schraap.

De kilometers lopen op en mijn benen lopen leeg. Mijn vaste eet en drink patroon begint dwars te liggen. Mijn maag heeft geen zin in een volgende gel of reep.

Ik besluit na de Hollandse brug naar de Stichtse te rijden.

Het is nog steeds bewolkt. De wind staat hier vrij goed dus echt stilvallen is er nog niet bij. Dat komt later wel als ik weer landinwaarts draai. Ik houd geregeld even mijn been stil. Vooral blij dat ik niet loop, want dat zou ik echt stilstaan.

Ik heb last van mijn handen. Ze hebben te weinig stuurtijd gehad. Mijn benen vinden het ook wel mooi geweest en verder wil ik van mijn zadel af. Maar ik verbaas me over mijn doorzettingsvermogen als ik er met de afslag naar huis in zicht nog een rondje aanplak om toch echt de 200 te halen.

Ik rijd trouwens als een tijd met mijn bril op mijn helm. Heel bijzonder maar het voelde benauwend om met mijn bril op te rijden.

Een kleine interne vreugde kreeg toen ik net op tijd het scherm van mijn Wahoo wijzigde en keek naar het verspringen van 199,9 naar 200. Het was binnen.

De laatste meters op de foto
Onderweg – gesloopt

Fiets en renner hadden rust verdiend.

Maar zoals ik dat wel vaker heb na dit soort inspanningen, de rust komt niet echt. Ik had genoeg energie om te juichen voor het kampioenschap van Van Poppel, zou hij op de nieuwe Sprinter wielen gereden hebben en hoe zit dat bij Wiebes, te gaan strijken, we willen op het feestje op zondag ook kleren aan, en ‘s avonds nog de Duitse Krimmi te kijken.

Terwijl ik dit typ op zondagochtend voor zevenen is dat trouwens wel een beetje anders. Nu herinner ik me goed dat ik heb gefietst. Maar ben tevreden dat ik het gedaan heb. De weg naar boven is genomen.

Met de welgemeende excuses

Sinds kort heb ik er een Strava hobby bij. Kijken of vriend R weer een ronde gereden heeft. Dat bij hem het fietsvuur weer heeft gezorgd voor fietsen doet me deugd. Veel deugd. Niet alleen maar praten over, maar vooral ook doen is waar het om gaat.

Zo reed hij van de week ook een rit. Een warme. Hij biechtte bij me op dat hij zowel zijn eten als zijn drinken was vergeten mee te nemen. Ik begin met meewarig mijn hoofd schudden. Was in het verleden fietsen vooral hard trappen, weten we sinds de successen van Team Sky en Jumbo Visma, dat eten en drinken van doorslaggevend belang zijn om te kunnen fietsen. Het meewarige hoofdschudden ging over in het schrijven van apps en bespreken met E. Hoe kan dat nou gebeuren.

Hier in Italië is het bijna niet te harden zo warm als het wordt. Niet echt verstandig om daarin dan te gaan sporten. Maar niet fietsen is voor mij dan weer het andere uiterste. Gelukkig bestaat er een wekker en een hele aardige vrouw en zo stond ik om 4:30 naast mijn bed om, om ongeveer 5 uur weg te fietsen.

De zon kwam al langzaam op. Mijn achterlampje knipperde en mijn meekleurende glazen bleven in het begin vooral helder.

Het was enorm vochtig. Van dat weer waarbij één beweging zorgt voor een stroompje zweet uit je poriën. Maar gelukkig staat mijn Wahoo ingesteld om me iedere 20 minuten te helpen herinneren om iets te drinken. Dus na 20 minuten doe ik een greep naar beneden.

Ik grijp mis.

De bidons die ik zo keurig had klaargezet stonden nog te wachten op het aanrecht.

Wat nu? Omkeren en ophalen en bijna zeker weten dat ik geen zin meer had of doorrijden en eventueel bij een bron wat water drinken?

Het werd het laatste. Het was namelijk echt zo vochtig dat er geen plaats was voor een dorstgevoel.

Zo weinig zelfs dat ik rond het keerpunt, belofte was ongeveer 2,5 uur fietsen, nog zelfs geen zin had in een slok en ook nog de bron voorbij fietste.

Langzaam maar zeker kwam de zon meer door en begon de temperatuur zelfs nu al weer ruim boven de 20 graden te klimmen, maar gelukkig geen 38 zoals later op de dag.

Wat maakte het uit. Het was nog maar even. Langs het bergje en dan de laatste klim op.

Maar wat ik daar toen zag maakte me wel heel erg blij. Mijn rennersvrouw was gaan rennen en had de bidons meegenomen. Daar stond ze als volleerd soigneur een bidon aan te geven.

Veel blijer kon ik op dat moment niet gemaakt worden. De eerste 0,5 liter was in een paar slokken weg en van de tweede claimde ik ook het grootste deel. Toch dorstiger dan gedacht.

Met deze escapade blijft voor mij niets anders over dan R mijn oprechte excuses aan te bieden, misschien was het wel de hand van God die me hier strafte, maar het blijkt iedereen te kunnen overkomen hoe gedreven je ook bent in je standaard plichtmatige tafereeltjes voor iedere start van een rit. Puck Pieterse vergat haar Wahoo in het hotel, dus het kan zelfs de allerbeste overkomen blijkt.

Voor mij kwam daarna een heerlijk ontbijt, want de rit was natuurlijk zo uitgekozen dat er nog genoeg mee te nemen was van het buffet.

Les van de dag; ook al is het doorbijten met opstaan, het fijne van een ronde op de fiets, al zijn het geen enorme afstanden, uren of prestaties, is niet te toppen voor de rest van het gevoel van de dag.

Goed in de oren knopen.

En je hebt dan ook nog zeeën van tijd om nog een heleboel leuke dingen te doen de rest van de dag.

Lago di Molveno