We zijn verplaatst. Van Torbole naar Termeno sulla Strava del Vino of, omdat ze hier liever Duits spreken en nog liever bij het groot Oostenrijks – Hongaarse rijk zouden behoren; Tramin an der Weinstrasse. Een stukje verder naar het noorden. Oneerbiedig gezegd langs de A22, maar een fijne plek om te zijn.
De verplaatsing heeft ook als voordeel dat er vlakkere kilometers te vinden zijn over een prima fietspad. Langs de A22 loopt min of meer de A22 voor fietsers en in het zijdal richting Meran loopt een zelfde pad. Ideale omstandigheden om te rijden dus. De weersvoorspelling was niet helemaal perfect, maar door het hier heersende Micro klimaat en de bergruggen die de meeste wolken vasthouden, was het ideaal om te fietsen.

Na de dag begonnen te zijn met pannenkoeken was de basis gelegd voor een mooie rit. Lengte afhankelijk van het weer. Beginnen richting Bolzano. Het liep vanaf het begin al lekker en zo rolden de eerste 20 kilometer onder de wielen door.
Bij Bolzano in de buurt de afslag nemen naar Meran. Bij het water punt stak een wielrenner net zijn bidons in zijn houders. Zoals later bleek om daarna in mijn wiel te duiken. Ik zag in de verte een mooi richtpunt rijden. Focus daarop en strak tempo. Langzaam maar zeker haalde ik hem binnen. Dacht een wiel te hebben, maar Italiaans slinks liet hij me er voorbij. Door dan maar.
Na een tijdje kwam de renner van de bidons voorbij. Mooi! Strak tempo. Misschien een tandje te zwaar. Misschien iets te veel zijn best aan het doen. Na 5 minuten mocht ik weer. Dus nog maar eens laten zien hoe wij polderrijders het doen.
Het duurde lang maar er werd nog eens overgenomen. Het eerder richtpunt bleef zicht verstoppen. De andere hield het een minuut vol en bij een weg onderdoorgang, ging ik vlotter de laatste meters naar boven en zat zo weer op kop. Een vertrokken gezicht bij de ander en wat gekreun. Maar we kwamen al steeds dichter bij Meran. Tijd om te keren voor mij. Daar was ik ze kwijt. Kon wel nog twee oudere Nederlanders uitleggen waar het fietspad liep. Zij waren op weg naar Rome vanuit Nederland op hun elektrische fietsen. Ze dachten dat ik in de buurt woonde.

De weg terug. Even stoppen bij Flarer. Een bekende fietsenwinkel hier, waar ook veel mensen Italiaanse fietsen bestellen in verband met de scherpe prijzen. Willier, Pinarello en Colnago in opvallende verschijningen. Helaas spiegelde het glas nogal, maar zelfs de C68 met gouden accenten hing in de etalage.

Terwijl ik daar stond snelden twee wielrenners voorbij. Balen, daar had ik wel bij aan het wiel willen zitten. Ik zag ze nog net in de verte rijden. Nu mezelf niet over de kop rijden. Het was nog een stukje terug.
De afstand bleef gelijk, maar het leek op een gegeven moment kleiner te worden. En kleiner. En kleiner. En kleiner. En zo dacht ik een wiel gevonden te hebben, maar bij weer een weg onderdoorgang, precies op het punt dat ik aansloot, rolde ik er sneller voorbij en werd me handig de koppositie opgedrongen. Dan maar weer gaan. Strak. Niet zeuren. Wie op kop rijdt heeft het meeste trainingseffect. Zo gingen we door. Nog een wielrenner die zijn excuses aanbood met een handje, omdat hij niet goed genoeg aan de kant ging toen ik belde. Italiaanse flair.
Inmiddels reden er drie man aan mijn wiel en waren we alweer bij de afslag. De rest ging me nadrukkelijk bedankend verlaten en sloeg af naar Bolzano. Ik door richting Tramin. Maar wat zag ik daar toto mijn verbazing voor me rijden. De man die eerder met me richting Meran reed. Had ik hem weer bijgehaald. Korte groet, maar bij hem geen zin, zo noemt fietsvriend R dat, om nog te volgen.

Ik liet het tempo wat vieren en besloot vandaag de 100 maar eens vol te maken. Dus waar Tramin rechts van me lag, reed ik nog een paar kilometer verder. Een Boogerdje XL. Omkeren deed ik op de plek dat de eerste druppels begonnen te vallen. Snel daar weg. De bui voorblijven. Dat lukte wonderwel en zo kwam ik moe maar wel heel erg voldaan weer in Tramin aan. Zelfs terwijl de laatste paar meters omhoog naar het appartement een kwelling zijn.

Heeft trainen zin? Het begint er op te lijken. Dit voelde eindelijk weer eens goed. Echt goed. Met kracht in de benen. Daarom toch maar blijven trainen en verstandig zijn en stukje bij beetje het niveau opkrikken

Morgen (vandaag) een rustdag. Komt wel zo handig uit. Het beloofd een hele natte dag te gaan worden.


















































