Blog

Wat een weekend

Er zijn van die weekenden waarin je alles tegen komt, maar als het goed is uiteindelijk alleen de pieken herinnert.

Vrijdag. Ik wilde een rondje fietsen, maar mijn nek deed me herinneren aan 20 jaar geleden. Geen goed begin. De fiets bleef dan ook staan. Maar er was meer te doen. Iets heel erg leuks. We gingen van wit naar blauw. Van diesel naar elektrisch. Van Volvo naar Volvo.

Een hele belevenis. Rijd zo soepel als een net gewaxte ketting. Alleen heb ik niet ruim 400 paardenkrachten in mijn benen.

Zaterdag. De nek voelt als 2022. Het mistig. Het is koud. Ik ga rijden. Er hangt nog iets te doen boven de maand november. Ik fiets een oude bekende. Het rondje Vechten en Gooien. Op zoek naar een aankomst van de Goed Heiligman.

De zon brak snel door

De zon brak al door bij de brug. Mijn winter Jack was eigenlijk iets overdreven. De dunne handschoenen konden onderweg zelfs nog uitgetrokken worden.

Ik droeg gewoon (gebroken) wit

In de buurt van Lage Vuursche opeens een grote schrik. Één klap. Derailleur werkte niet meer. Bleek door de klap in crash modus geslagen te zijn. Ter bescherming van de derailleur. Even schrikken, maar zo opgelost. Dankzij een YouTube filmpje. Dat wel.

Pieten huis of niet?

Om de 100+ te halen nog een klein extra lusje er aan toegevoegd. Als je zo dichtbij bent kun je maar beter nog even doorzetten.

Lunchen deden we samen. In Laren. Ik prik daar graag een vorkje. Doet de rest van Laren ook. Gelukkig waren we precies op een goed moment aangekomen. Mijn therapie sessie op de fiets had me goed gedaan. Luisteren naar Thomas Dekker. De fiets is voor alles goed. Bij de lunch nog wat plannen doorgesproken. Ook dat wat ik niet ga doen. Op een MTB of gravel fiets rijden. Ik wordt gelukkiger van een glad lopende asfaltweg merk ik keer op keer en avontuur is het voor mij genoeg als ik een keer een iets andere route rijd of zoals afgelopen zomer naar het Garda meer toe. De fiets heeft voor ieder wat wils.

Brink20

Zondag. Als je de smaak te pakken hebt en het weer goed is dan ga je op herhaling. Dan kun je nog zin hebben om in de auto te gaan zitten, de fiets is beter. Ik stuurde mijn fiets eerst richting Nijkerk. Weer maar een graad of 2. Geen centje pijn. Het tussen jasje met het juiste ondershirt was meer dan genoeg. Ook een voordeel van de polder. Weinig bomen, dus de zon heeft vrij spel. Net als de wind natuurlijk.

Ik dacht langs de buitenkant van de randmeren naar Harderwijk te rijden. Maar die weg leek afgesloten. Dus op avontuur. Via Putten en Ermelo, denk ik, dan maar. Mooi alternatief.

Herfst

Bij Harderwijk werd ik aangesproken op een heel rare snuiter op een oude racefiets met buiscommandeurs. Zo raar, dat ik geen zin had in een gesprek met hem. Gelukkig wist ik snel afscheid van hem te nemen en kon ik weer met mezelf verder de polder door. Soms is dat echt genoeg gezelschap. Vandaag bijvoorbeeld.

Zo ging ik door naar huis. Weer bijna 3 uur in het zadel erbij. Join leek best tevreden. Is het de laatste tijd wel eens minder. Moet ik maar wat meer doen om hem weltevreden te houden. Die Jeanmontagne (Jim van den Berg).

De rest van de dag ging op aan het veldrijden. Want ook al doe ik het zelf dan niet graag, kijken naar mensen die lijden, doe ik dan weer wel graag.

Wat(t)je

Vrijdag. Tijd voor de herhaalprik. Voor alle zekerheid ervoor een uur in Zwift fietsen. Mijn ervaring is dat ik niet goed weet hoe ik me erna viel. Het kan verkeren. Flink trappen. Flink zweten. Watt meer dan als ik naar buiten zou zijn gegaan.

Onderweg de verrassende voicemail. De nieuwe XC 40 is er. Nog een week en we rijden elektrisch. Op de fiets lever ik nog mijn eigen wattage in de auto gaat de dieselmotor over naar een electro motor.

Liefhebben. Geen zwart. Geen wit. Maar blauw.

Zaterdag. Ik voel me vrij goed. E. een heel stuk minder. Ik laat me van mijn betere kant zien en werp me op voor een serie huishoudelijke taken en laat de droge dag aan me voorbij gaan. Er wordt niet buiten gefietst, maar ik vind na de middag boterham tijd om toch in Zwift te gaan rijden. Zware kost. Bij Innsbruck. Stuk de Brennerpas op denk ik. Geen duurtraining, maar een uur zware vermoeienissen. Join vond het heel zwaar.

Zondag. Dreigend weer en flinke wind. Ik heb er geen zin in. Niet naar buiten. Toch een beetje een watje. Drie dagen op rij dan maar Zwift. Ik kies een mooi gezelschap uit van de Valhalla rijders. Prettige groep. Veel deelnemers. Ruim 200 rijders. Ik trap de helft van de rit mee. Tegen het rode scherm aan. Niet er voorbij om er maar niet uitgezet te worden. Toch goed 1,5 uur onderweg. Stevig rijden. Niet de duurtraining die gepland stond, maar wat meer inspanning.

Ik merk nu dat het drie op een rij was. Tijd om te kijken naar de veldrijders. De zondagse ontspanning voor deze tijd van het jaar.

Nog steeds lekkere temperaturen

Kleine twijfel. Was ik nou hersteld of kwakkel ik nou verder. Misschien wel een beetje het laatste met de ingefluisterde tactiek om de rit in blokjes op te knippen ging ik rijden. Half uur kijken hoe het ging. Uur. En omkeren kan dan altijd.

Ik stuurde mijn fiets vandaag in de richting van de prinses. Nadat ik gisteren weer een Beter Worden Podcast had geluisterd over je route aanpassen op je training, nam ik de trieste wens over om de route niet te laten kruizen en een rondje te maken. Heeft niets te maken met trainen, maar vooral met iets leuks laten zien.

Herfst zon. Laag, heel laag

Dan is een op en neertje natuurlijk niet de oplossing, hoe goed dat ook voor het trainen kan zijn. Ik bedacht me dat ik daarom beter rechtsom naar Lage Vuursche kon rijden en dan over Spakenburg weer terug.

Hoe herfst wil je het krijgen

Werkte perfect. Zelfs nog een paar stijgende meters er bij gesprokkeld in Baarn. Daarna veel open kilometers in de polders. De polder van Eemnes misschien zelfs. De polder waar Dorresteijn zo treurig over zong.

Na ongeveer 90 kilometer was ik weer thuis. Missie geslaagd. De combinatie van minder getraind zijn, brede all season banden (de 28 mm banden meten maar liefst 30 mm op mijn velgen) en lage velgen, laten mij niet meer vliegen. Maar trainen gaat om wattages leveren. De snelheid zien we dan in het voorjaar wel weer terugkomen.

Onderweg in een nieuw shirt. Een glimlach die niet weg te krijgen is

Nu wordt het doorbijten en ook gaan als het weer wat minder is. Tijd om verschil te gaan maken naar volgend seizoen toe.

Pas Normal Studios Mechanism Deep Winter Bibs of zo kom ik de winter wel door

Kwakkelen. Zo moet ik het noemen. Dat deed ik de afgelopen week. Dat en testen. Symptomen aanwezig, maar geen positieve test. Daar was ik zeer positief over. Zeker omdat ik mezelf onmisbaar vond achter mijn bureau en in bespreek kamers. Zelfs op vrijdag, mijn vaste rij-dag.

De fiets bleef daarom de hele week aan de kant. Ik noem deze week maar mijn off-season en begin als het herstel voldoende heeft doorgezet.

Terug naar vrijdag. Als ik dan toch op de Zuid-as ben, dan maar het aangename met het aangenamere combineren. Een bezoek aan Maats op de Van Wouwstraat. Een bezoek dat al weer veel te lang geleden was en al langer op de planning stond. Maar dan koos ik toch weer voor het zadel of iets anders.

Maats is zo’n winkel waar ik graag kom. Familiaire sfeer. Een begroeting die gemeend over komt. Niets dan moois in de rekken. Een espresso of een Lemonade er bij. Kundig advies en een gedeelde passie of twee. De fiets en er een beetje gesoigneerd uitzien als je rond fietst.

Pas Normal Studios heeft van zijn Mechanisme serie de nieuwe wintercollectie uitgebracht. Waar je buiten eerder denkt aan een nieuwe korte mouwen shirt, komt toch echt het moment dat het warmere shirt nodig zal zijn. Ik was wel toe aan wat verwennerij en motivatie en plande daarom de collectie eens goed te bekijken en als het mogelijk zou mijn eigen iets uit te breiden. Nodig? Daar gaat het niet altijd om. Zeker hierbij niet.

Alles is even mooi. Wordt ook voor een groot deel in Europa in elkaar gezet. Portugal en Italië bijvoorbeeld. Slim materiaal gebruik ook. Ik kies twee warme shirts uit, waarvan één risicovol gebroken wit. Wie durft het aan in de winter waarbij wegen vaak niet droog zijn. Ik wel. Statement shirt. Moet de motivatie van de tegenstand breken.

Ik pas het liefste mijn fietskleding in vol ornaat. Dus met een ondershirt en koersbroek, bij het passen wel met onderbroek voor wie zich nerveus maakt, aan. Ik probeer de nieuwe warme korte broek. De Deep Winter Bips. Voor wie dit soort koersbroeken niet kent, vast snel in de hoek van de onnodige spullen gelegd, maar wie ze wel eens gedragen heeft, wil niet anders meer. Ideaal om te combineren met kniestukken en beenstukken om te variëren bij verschillende temperaturen, maar ook als je zoals ik snel koude bovenbenen hebt heel fijn als het iets frisser is en je verder wel in een korte broek wilt rijden. Ik ben fan. Vorig jaar kocht ik het model van toen. Bij het aantrekken van de nieuwe broek merk ik meteen dat er verbeteringen zijn gemaakt. Ander materiaal aan de buitenkant en ook aan de binnenkant. Slim gebruik van lucht kanaaltjes om je warm te houden met je lichaamswarmte. Hoog aan de voorkant voorkomt dat de blaas te vaak roept om een stop. Buiten materiaal nog meer wind en vocht afstotend en daarom lekker strak zittend. Compressie zullen we het noemen.

Janco legt aan me uit dat door wat veranderingen in het programma van Pas Normal Studios de broek van vorig jaar tussen twee series van nu valt en niet meer bestaat. Daardoor is de Mechanism inderdaad wat strakker dan de broek van vorig jaar. Ik ben bij het passen al verkocht.

Mijn keuze: Navy

Doordat het te leuk was bij Maats gaat helaas de VrijMiBo aan me voorbij. Volgende keer dan maar.

Zaterdagochtend. Tijd om te fietsen. Testen of de ademhaling wil werken. Ik heb er zin in. E vraagt of ik mijn nieuwe “broekje” ga gebruiken. Ik ben er nogal goed in om iets nieuws te laten liggen. Zonde.

Vandaag niet. Ook al wordt het prachtig weer, als ik ga fietsen is het 11 graden en wordt het door de bewolking niet warmer. Ik ga in mijn Deep Winter korte broek in het kort. Draag er een zomer ondershirt bij en een Mechanism Long Sleeve Jersey. Mijn advies. Begin niet aan deze shirts. Ze zijn verslavend. Als je zo als ik bent wil je ze in alle kleuren. Beter dan dit shirt wordt het niet. Als je slim combineert met ondershirts en een keer een windbreaker kun je er echt bijna het hele jaar mee op pad (of het moet zomer zijn). Zitten als gegoten. Komen in verschillende kleuren. Van heel behouden, tot meer opvallend. Voor elke stemming wel iets te vinden.

Daar ga ik dan. De benen willen. Het hoofd wil. Alles ondersteunt door de motivatie maker: mijn nieuwe broek. En wat een broek is dit! Zit echt heel goed. Verschuift niet. Houdt lekker warm. Zit “snug”. Beklemt niet. Wat kan ik meer wensen? Een betere conditie misschien.

Ik trap 2 uur in de rondte en vergeet de broek. Ook dat is positief. Hiervoor is deze broek natuurlijk niet echt bedoeld, want echt testen komt natuurlijk pas als de omstandigheden uitdagender worden. Maar in Denemarken, het thuisland van Pas Normal Studios, hebben ze die in de herfst en winter vast en zeker ook meer dan voldoende, dus ik ben er niet heel huiverig voor.

PNS in het wild

In mijn enthousiasme heb ik gisteren nog een shirt weg laten leggen in de Maats winkel in Utrecht. Als we het hebben over iets dat al een tijd op de planning stond, dan was een bezoek aan deze winkel het wel. E had ook nog wel zin om even de hort op te gaan en daarom togen we richting Utrecht. Onbekend terrein voor ons, maar we snappen dat de bewoners het “mijn stadje” noemen. Wat een leuke levendige stad op een zonnige oktoberdag.

Bij Maats is de sfeer net zo goed als die in Amsterdam is. Er komt net een gravelrit terug en de rijders nemen een hapje en een drankje. Leven in de winkel van alleen maar blije mensen. Dat wil je toch als je het zelf allemaal zo leuk vindt? Andere mensen die dat ook blijken te hebben.

We babbelen wat, drinken een koffietje, ik sla nog maar eens toe en ga met meer weg dan oorspronkelijk gepland. Zo kom ik (bijna) de winter wel door. Ben bijna blij dat het niet nog makkelijker is om bij ze langs te gaan. Mijn bankrekening vooral dan. Ook al zou me dat misschien nog net iets makkelijker over de grens trekken om eens met een groepsrit mee te gaan. Inderdaad…. Vandaag gaan we niet op de eeuwige twijfel in.

Blik vooruit

E en ik wandelen een rondje door de stad. Het lijkt wel zomer. De terrassen zitten vol. Vrolijkheid met Halloween in de etalages.

En een Deep Winter Bib Short dat voor zijn eerste ritje mee naar buiten is genomen.

Zambanini – vieren

Je kunt niet zeggen dat ze in Italië hun sportvelden niet vieren. Bijna zoals in België. Als je het een jaar heel goed doet, wordt je meteen op het schild gehesen en heb je bijna een fanclub. In België is dat voor jonge renners de manier om een deel van hun sport te bekostigen. In Italië krijg je dan ook vaak hulp in natura. Alles om maar het tael t te ontwikkelen.

In Torbole vieren ze hun nieuwe held, de jonge rijder van Bahrein, Zambanini. Komt uit Dro, het plaatsje op ongeveer 10 kilometer van Torbole gelegen aan de noordkant.

Bij Mecki’s maakten ze er gisteren een feestje van.

Lucio zingt
Taart
Mecki Sekt

Kwakkelen

Zaten we donderdag nog gezellig aan de dis met mijn ouders en op vrijdag heel Italiaans bij Vespa in Laren met vrienden R en LL, werd ik zaterdagochtend wakker met wat klachtjes.

Pizza topping, zoals Pizza topping zijn moet

Van die klachten waardoor je tegenwoordig een test doet. Test negatief, maar de klachten zijn daar. Volgens de nek test betekende het “niet trainen”. De nek test zegt zoveel dat je bij het ontbreken van koorts, bij koorts train je nooit, bij klachten boven de nek (snotneus en beetje hoofdpijn en wat keelpijn) voorzichtig mag trainen, maar onder de nek (hoesten, longen, spierpijn) het niet moet doen.

Voor mij beter om niet te gaan trainen.

Bij het verstrijken van de dag bleek het weer zo lekker dat ik toch maar een rondje buiten ben gaan stappen. Rustig wandelen. Zie je nog eens iets van de natuur in de omgeving.

Nu maar voorzichtig beter gaan voelen. En daarna: opbouwen maar.

Ik moest er aan geloven

Ver gevorderd in oktober. Vallende blaadjes. Natte wegen. Lekke banden. Ik moest er aan geloven. Nieuwe banden. Geen licht lopend super snel materiaal, maar materiaal dat voor dit weer bedacht is. Ook al wilde ik iets anders, ik ben voor alle zekerheid ook maar gegaan voor de Continental 4 Seasons in een breedte van 28 mm.

Kost wel wat meer wattage om ze rond te laten draaien op de weg, maar als het goed is zijn ze het perfecte wapen voor deze omstandigheden. Een beetje zoals de All Seasons voor een auto.

Wie vaker naar mijn fiets heeft gekeken ziet meer. De banden liggen namelijk om lage velgen. Mijn oude 32 mm hoge Roval velgen. Dus niet alleen tragere banden, maar ook een stuk minder aero. Na al het geklier met de hoge, koos ik maar voor een alternatief. Eens kijken hoe dat gaat. Ze lagen er in ieder geval makkelijk om. zelfs goed opgelet dat de loop richting volgens de pijl klopt.

Made in Germany. In Korbach.

Hopelijk hoeven ze er niet snel af.

Denk ik ondertussen na over hoe verder.

Geprikkeld

Als liefhebber van de fiets en het fietsen of wielrenner zoals ze het wel eens noemen, heb je het in deze tijden zwaar. Nog zwaarder als je van middelbare leeftijd bent en je het liefste in lycra rondrijdt.

Fietsen is “hip”, of is dat een middelbare leeftijd term, en dat is te merken. Iedereen fietst, lijkt het soms wel. Dat wordt ook door de media opgepakt. Zijn het niet klagende mensen over het gedrag van die wielrenners, dan is het wel een programma over iemand die gaat fietsen. Dan is er natuurlijk ook nog de serie waar de man van middelbare leeftijd de fiets ontdekt.

Zo zag ik gisteren Oogappels.

Een beetje kwetsend komt het bij mij wel aan.

Maar waardoor? De Mamil opmerking? De reactie van de wandelaars? Het belabberde trappen? Het slecht op de fiets zitten? De treurige fiets? De volledige neon kleding? De midlife crisis verwijzing?

Ziet de niet fietser me dan ook zo?

“De leegheid van hun bestaan schokt me”, om Tim Krabbé te citeren. Zij missen wat fietsen echt is.

“Meewind”-koers

Er zijn van die dagen dat je twijfelt hoe erg de wind mee staat op een dag. In het relatieve natuurlijk. Want wat ik doe op een zondag is voor mij voor een dag het belangrijkste dat er is, maar stelt natuurlijk helemaal niets voor in het grotere geheel van de dingen. Het is maar beter dat ik me over de belangrijkste bijzaken in het leven zorgen kan maken en ik probeer het vooral daar bij te houden.

Natuurlijk had ik de nodige zorgen vooraf. Zou ik gaan? Zou ik het redden? Hoe kom ik aan banden? Wat trek ik aan? Wat doet het weer?

Zondagochtend. Een wafel. In 2022 bleek dit de bodem voor een goede rit te zijn. Ik voel me niet 100%, maar ik besluit te gaan rijden. Als ik nu niet zou gaan, dan zou ik nooit meer een tocht rijden. Beter om door te zetten en het te zien als gewoon een rondje fietsen. Het gevoel van “ik wil niet afgaan” laat ik thuis.

De Meewindkoers is voor mij een speciale. Ik rijd hem volgens mij al zo lang als deze tocht bestaat. Had altijd iets speciaals. Niet het typische toertocht publiek met de slobber shirts, maar meer het nieuwe fietsen. Dat is aan het veranderen, het nieuwe fietsen rijdt op een gravel fiets, maar toch blijft deze rit trekken. Mooie combinatie van vlak met een paar klimmetjes. Steeds wijzigingen in de routes en goede stopplaatsen met vooral goede keuze aan eten en een finish terrein. Daarom ook niet de standaard prijs, maar als je iets meer betaalt voor iets meer, dan is iets meer zeker te verklaren.

Ik parkeer de auto in de parkeergarage. Dat hoort er bij voor mij. ‘S Ochtends in alle rust en ‘s middags in de drukte van het winkelende en bioscoop gaande publiek. Ik kom er achter dat ik mijn Wahoo ben vergeten. Fietsen zonder fietscomputer is knap lastig, maar ik zal Strava dan maar op mijn telefoon aanzetten.

Startbordje ophalen en de gratis gel. Ik hoor de EHBO medewerkers doornemen waar “ze” altijd allemaal onderuitgaan. De keuze stapvoets door de bochten met blaadjes te gaan is hierbij genomen. Risico niveau laag houden. Aan vallen heb ik niets.

Ik bedenk me dat je bij Wahoo een fietscomputer kunt lenen. Dat ga ik doen. Zo heb ik toch informatie onderweg en met een paar klikken is hij gekoppeld aan mijn account, aan mijn vermogensmeter en hartslag band. Ik ben er weer bij. De wind draait een beetje in mijn voordeel.

Onderweg dan maar. Ik vertrek met een groep, maar bedenk na 10 meter dat ik het thuisfront nog op de hoogte moet brengen. Stoppen dus maar en de volgen mogelijkheid maar aanzetten. Bleek achteraf zinloos te zijn, ik was niet te volgen, en voor mij de reden dat ik bijna de hele rit alleen onderweg was. Precies in een gat gevallen.

Ik besloot te geven en daarna maar eens te kijken waar het schip zou stranden. Het was koers. Ik haalde wel wat éénlingen in, maar die hadden geen zin om vlotter te rijden. Zo kwam ik steeds dichter bij de Amerongse berg. Niet ver er voor werd ik bijgehaald door een groep en kon ik een stukje in de luwte meerijden. Ik merk de dat het weer wat onwennig was. Veel alleen rijden is minder “in de wielen” ervaring. Toen het me te link werd op een smal fietspad, liet ik lopen. Risicoloos rijden.

De heuvel is een berg voor me. Aan de andere kant is de eerste rustplaats bij wielercafé de Proloog.

Ik gebruik de stop om mijn bidon bij te vullen, een handje winegums te eten en repen en een drink mix in mijn achterzak te stoppen. En door maar weer. Ik had ingeschat dat er een zwaar stuk zou komen. De Lekdijk met lastig staande wind. Het klopte. In een laatste wiel ga ik mee met een groep. Op het kantje. Ik draai niet met de waaier mee. Vragen om gekost te worden. Het gaat met horten en stoten. In een waaier over een dijk die bevolkt door gefrustreerde, begrijpelijkerwijs trouwens, automobilisten, fietsers, motor rijders en meer is eigenlijk onmogelijk. Ook hier laat ik lopen.

Weer thuis bekijk ik mijn Strava segmenten en zie wat de gouden medaille, mijn snelste tijd op dit segment, betekend in het grotere geheel.

Het ging inderdaad heel hard op deze dag.

Gevolg van mijn lossen is dat ik met één man over blijf, waar ik vakkundig het bord van leeg eet en die ik als het tempo begint te dalen achter laat. Wie had het over een gezellige zondagse bezigheid? Het is een harde stiel.

Het gevolg is wel dat ik weer alleen ben en dat nog wel even zal blijven. Gelukkig staat de wind nu stukken in de rug en trap ik een aardig tempo door. Hard genoeg om degenen die ik inhaal achter me te laten. De sprint rijd ik alleen. De Ronde van Vlaanderen ook. Een ellendige klinker klim als je de Muur van Geraardsbergen omhoog rijdt.

En dan voel ik wat zachts. Mijn achterband duwt niet terug, maar zakt in. 110 kilometer onderweg en ik moet een band vervangen.

Samenvattend: wat een ellende. Eerst kreeg ik mijn buitenland er niet af. Wilde het eigenlijk al opgeven, maar in een laatste poging lukte het nog. Eerste binnenband bleef steeds tussen de rand van de band en de velg zitten. Na lang klieren lukte het, maar kreeg de band geen lucht. Volgende wissel. Zelfde verhaal met het bandje. Laatste poging met een lucht patroon om hem op te pompen.

Gelukt!

Ik voel me een klein beetje een “Badlands” fietser. Doorzetten om door te gaan, ook al heeft dit helemaal niets te maken met de ontberingen die ze bij zo’n ultra tocht moeten doorstaan. Mooie YouTube films van te zien.

Bleek dat ik mijn 45 minuten op de grond op 250 meter van de tweede stop gehouden te hebben, waar een fietsen maker bandjes stond te wisselen. Ik neem weer een handje winegums, vul mijn bidon en prop nog een halve banaan naar binnen. Ik wil door, door het stilzitten en op hurken en dergelijke zitten, ben ik stijf geworden en ben ik uit mijn flow. De laatste 40 zullen afzien worden.

Gelukkig kan ik even met 3 mannen mee. Bleken uit Hoorn te komen met een voorliefde voor TREK fietsen. Later nog een leuke babbel mee kunnen slaan.

Als we Lombardije rijden, een lastige klim, houd ik ze niet meer bij. Maar even later staan ze aan de kant met een probleempje. Ik ga door en rijd maar weer eens alleen. Op naar het breedste fietspad van Nederland of misschien wel de wereld.

Soesterberg. De landingsbaan. De 3 mannen knallen me voorbij. Blijkt dat je zelfs hier fout kunt rijden. Rechtdoor waar we rechts er af moesten. Terug en verder. Nog een paar kilometer. We rijden langzameren achterop en blijven daar maar achter rijden. Heel ontspannen de laatste kilometers door.

Bij het overrijden van de finish rijden Ron en Robbert bij me achterop. Zo komen we elkaar toch nog tegen. Perfect getimed. Konden we op het finish terrein nog een drankje doen en een babbel slaan.

Eerst de resultaten

Robbert had een goede dag en Ron veel problemen met zijn rug. Iedere fietser heeft zijn verhaal. Zo veel starters, zoveel verhalen.

Ik vind het mooi geweest. Lever mijn Wahoo in. Krijg een blikje Wahoo bier mee en duik weer de parkeergarage in.

Omkleden in de parkeergarage. Dat is ook Meewindkoers.

Tevreden rijd ik naar huis. Hongerig ook. Eten en drinken had ik wel wat beter kunnen doen vandaag.

Bleek dat er meer in mijn benen zat, dan ik had gedacht. niet alles is te zien in het cijfertje van Join. Of: kun je nagaan als dat cijfertje beter is.